Naar het overzicht
van stukken over FENNER





Fenner komt in oktober weer in actie en ambieert de door Georg Hoff binnenkort te verlaten functie van adjunct-directeur


Deze brief is gericht aan secretaris Paulus van Hemert en bevindt zich in invnr 67.


Jagtlust bij Dalfsen prov: Overijssel 11 octob. 1823

WelEdel Gestrenge Heer!

Mijne moeilijken omstandigheeden darvan de Heer von Hoff de reede is, zijn noch niet ten einde. UWEGestr. gelieft te bezeffen, dat door den Heer von Hoff van den 16ten meij tot novemb. vorig jaar, ik door dien Heer, niet gelijk een door de Permanente Kommissie wettig angestelde ambtenaar, maar gelijk eenem quaaden jongen behandelt ben, en eindelijk op eene geheel verneederende wij­ze, door toedoen van ZWEGestr. de Schanz heb verlaaten moeten.

Maar nu heb ik den Heer Boellaare solli­citear in s Haage verzogt, nochmaals zich in mijn naam, aan die Permanente Kommissie van Weldadig­heid te adresseeren en om een mondelijk verhoor te verzoeken, waar het die Heeren verkiezen, - tot dit einde verzoek ik UWEGestr. bij der vergadering mijner goed­gunstig te gedenken, dat die Heeren gelieven mijn verzoek toetestaan.

En ten andern heb ik vernoomen dat ZWEGEstr. den Heer Capit. von Hoff, zijnen post van Adjunct Directeur doet verlaaten, en zich weeder bij zijn regiment vervoegt.

Tot dit einde heb ik mij an ZHEGestr. den Heer Generaal van den Bosch, en den WelEdel­Gestr. Heer van Rijmsdijk geadresseert, deze Heeren verzoekende naar mij verhoort te hebben, met dezem daar den Heer von Hoff vacant te koomenden post te willen begunsti­gen.

Ik ontbreek niet, ook deze mijne beede bij UWEGestr. te brengen, om in der ver­gaadering, voor dezen post mijner persoon goedgunstig te geden­ken; het vervolg zal UWEdGestr. doen zien dat ik mij in den mij anvertrouw­den post, zoo quijten zal, dat het voor de Heeren, een vergenoegen maakt, mij darmede begunstigt te hebben.
Verders mij in de geneegendheid UWE­GEstr. gerecommendeert te hebben, noeme ik mij met alle achting

UWEGEstr. gehoorz. Dienaar

de gepens. lieut. Fenner