Naar het overzicht
van de
KLEINE RAAD




Volledige transcriptie van:

Copie - Notulen van het verhandelde bij den kleinen raad, geduurende de maand augustus 1829


Zaturdag den 1 Augustus 1829

Verschenen voor den raad en verzochten voor 14 dagen met verlof buiten de kolonie te mogen gaan:

1. Vrouw Paterelly, van kol 3, naar Rotterdam;
2. van der Bil, idem, naar Schiedam;
3. Geertje Starrenberg, en
4. Vrouw Bachus, idem, naar Vlaardingen;
5. Meijer, van kol 1, naar Harlingen;
6. Vrouw Doodhage, van kol 2, naar Amsterdam;
7. Vrouw Benjamin, van kol 1, naar idem;
8. Hermanus Bergwever, en
9. Maarten van Wijk, van kol 1, hebben als weezen de toestemming hunner besteders;
10. Kornelis, en
11. Willem van den Bosch, van kol 1, naar Leyden;
12. Dirk Bruins, en
13. Willemina Elsje Schut, van Willemsoord, naar Groningen, hebben de toestemming hunner subkommissie;
14. de wed. Kuipers, van kol 3, insgelijks naar Groningen,

allen om familiezaken waar te nemen of familien te bezoeken.
Het gevraagde verlof is hun toegestaan, onder nadere goedkeuring van den Heer Direkteur der kolonien.

In de kantlijn bijgeschreven: Is ook door den Heer Direkteur der kolonien toegestaan.


Voorts verschenen:

15. Hazeloop, van kol 1;
16. Wederholt, van kol 2;
17. Vrouw Jansen, idem;
18. Dorenbosch, van kol 3, verzoekende allen om eene tweede koe, en zochten zulks aan te dringen door de verklaring dat zij reeds zoo vele jaren in de kolonie gewoond hadden.
De kleine raad heeft hen geantwoord, dat men trachten zoude aan hun verzoek te voldoen, zoo er dezen herfst genoegzaam hooi kon worden opgedaan, - en dat hun verzoek in allen gevalle zoude worden gebragt ter kennis van den Heer Direkteur der kolonien.

(get.) J.H. van Wolda secr.



Zaturdag den 8 Augustus 1829

Verschenen voor den Raad en verzochten met verlof te mogen gaan, de mavolgende kolonisten:

1. Breek, van kol 3, voor 14 dagen naar Purmerend;
2. Groenewoud, van kol 3, voor 14 dagen naar Monnickendam;
3. Vrouw Nieuwenhoven, van kol 2, voor 14 dagen naar Amsterdam;
4. Vrouw Verver, van kol 2, voor 14 dagen naar Leyden;
5. Vrouw Mooi, van kol 2, voor 14 dagen naar Pekel Aa;
6. Hendrik Batink, en
7. Jan van der Weerd, van kol 3, voor 14 dagen naar Kampen;
8. Jan van Blokland, van kol 2, voor 14 dagen naar Kampen;
9. Hermanus Jurgens, van kol 1, voor 14 dagen naar Schiedam.

Allen om hunne familie te bezoeken; zijnde van reisgeld en koloniale kleeding voorzien. Is toegestaan, onder nadere approbatie van den Heer Direkteur der kolonien.

In de kantlijn bijgeschreven: Is ook door den Heer Direkteur goedgekeurd.


10. Kooistra, van kol 1, verzoekende dat hem omgewisseld mogt worden É 5- papieren geld, welke hij verlangde bij de eerste uitbetaling te ontvangen, ten einde daarvoor, even als verleden jaar had plaats gehad, een jong varken te koopen.
De kleine Raad zal dat voorstel doen aan den Heer Direkteur der kolonien, met verzoek dat de man geholpen moge worden

get. J.H. van Wolda, secr


Zaturdag den 15 Augustus 1829

Verzochten om voor 14 dagen met verlof te mogen gaan, de volgende:

1. Fraterman, van kol 3, naar Heusden;
2. Vrouw Nienkemper, kol 1, naar Dordrecht;
3. Hoogmoed, kol 2, naar Haarlem;
4. Hendrik Kolder, idem, naar Texel;
5. vrouw Lels, idem, naar Dokkum,
om hunne familie te bezoeken.

Is toegestaan, onder nadere goedkeuring van den heer Direkteur der kolonien.

In de kantlijn bijgeschreven: Goedgekeurd ook door den Heer Direkteur.

.
Voorts:

6. Vrouw Boon, van kol 1, verzoekende dat haar man voor 5 dagen met verlof mogt gaan naar Amsterdam, om haren zoon Kornelis Duinker, oud 20 jaren, te besteden bij haren broeder, welke wederom naar de West-IndiŽn gaat.
Is toegestaan, onder goedkeuring als boven. De jongen is een voorzoon van de vrouw en kan wel uit het huisgezin zeer goed gemist worden.

In de kantlijn bijgeschreven: Goedgekeurd als boven.


7. Maria Westhoff, van kol 2, verzoekende een ingedeeld weesje, hetwelk aldaar de koe kon hoeden en naar de school gaan; haar oude vader was daartoe niet geschikt.
Is goedgevonden hier te plaatsen den bij Bollen in kol 1 ingedeelde Leendert Kruisweg, die ze hier gaarne willen afstaan; zullende dit heden avond worden bewerkstelligd.

8. van Os, vrijboer te Wateren, verzoekende eenen jongen of een meisje, om zijne koeijen te hoeden; zijne eigene kinderen waren daartoe te groot geworden.
Bij voorkomende gelegenheid zal daaraan gedacht worden.

(get.) J.H. van Wolda secr.



Zaturdag den 22 Augustus 1829

Verzochten om voor 14 dagen met verlof te mogen gaan:

1. van Jeveren, van kol 1, naar Rotterdam;
2. Vrouw Evenblij, idem, naar Amsterdam;
3. Klaas Slot, van kol 1, naar Groningen;
4. Vrouw Wiemes, idem, naar Amsterdam;
5. Herm. v.d. Geer, idem, naar Vlaardingen;
6. Vrouw v. Ooijen, idem, naar Wijk bij Duurstede.

Is toegestaan, onder nadere goedkeuring van den heer Direkteur der kolonien.

In de kantlijn bijgeschreven: Is door den Heer Direkteur der kolonie goedgekeurd, behalve dat van vrouw Van Ooijen, als zijnde de zaak, wegens diefstal in de bakkerij gepleegd, nog niet afgedaan.


Eindelijk verschenen nog voor den raad:

7. Vrouw Nak, van kol. 1, verzoekende dat haar zoon Hermanus voor drie maanden naar Harlingen mogt gaan, om zijnen oom te helpen visschen.
De jongen, in het huisgezin nodig, en tevens nog te jong zijnde, is dit verzoek afgewezen.

(get.) J.H. van Wolda secr.



Zaturdag den 29 Augustus 1829

Verschenen voor den kleinen raad en verzochten om voor 14 dagen met verlof te mogen gaan, de navolgende kolonistenL

1. Van Pigchelen, van kol, 3, naar Utrecht;
2. Vrouw Beekman, idem, naar Schiedam;
3. Vrouw Groenekam, idem, naar Utrecht;
4. Joh. v.d. Heide, van kol 1, naar Leyden;
5. Vrouw Berkenkamp, van kol 3, naar Rotterdam;
6. Bolkensteijn, idem, naar Amsterdam;
7. Wed. Hoogenberg, van kol 2, naar Vinkeveen;
8. Pompe, idem, naar Wassenaar;
9. de wed. Jakobs, idem, naar Beemster;
10. Spier, van kol 3, voor 5 dagen naar Gron.,
allen te kennen gevende gaarne hunne familien te willen bezoeken, zijnde van kleeding en reisgeld boorzien.
Is toegestaan, onder nadere goedkeuring van den heer Direkteur der kolonien.

In de kantlijn bijgeschreven: Goedgekeurd door den Heer Direkteur.

11. Meijer en deszelfs vrouw, van kol 3, verzoekende de vrijheid om hunne zoon Pieter, oud 15 jaren, voor drie  maanden te mogen besteden bij den bakker op de Baan(??), ten einde denzelve het bakken te laten leren.

12. Vrouw Wardenier, van kol 3, verzoekende dezelfde vrijheid voor haren zoon Hendrik, oud 20 jaren, om denzelve 3 maanden te laten dienen bij eenen schoenmaker te Steenwijkerwold. Binnen korten tijd zoude hij uitgeleerd zijn en als knecht kunnen dienen.

Is voor beiden toegestaan, onder nadere goedkeuring van den heer Direkteur der kolonien.

13. de wed de Koning, van kol 1, te kennen gevende, dat zij met 18 pond brood, wekelijks ontvangende, niet heen kon; verzoekende alzoo meer brood.
Het huisgezin bestaat uit drie personen en naar het gevoelen der aanwezende leden zou zij wekelijks 21 pond ontvangen kunnen.
De secretaris zal dit een en ander aan den Onderdirekteur van kol 1, die thans afwezig is, te kennen geven.

14. Dirksen, van kol 2, verzoekende voor 14 dagen met verlof te mogen gaan naar 's Hage, alwaar, volgens ontvangene tijding, zijne sedert 16 jaren in de Oost-Indien vertoefd hebbende zuster zoude zijn aangekomen.
Daar de huisvrouw van dezen Dirksen voor eenige weken ook derwaards is geweest, en in plaats van 5 dagen, waarom zij verzocht had, weg te blijven, bij de drie weken afwezend is gebleven, zoo is dit verlofgaan eenigen tijd uitgesteld geworden.

15. Vrouw Staal, van kol 3, verzoekende de vrijheid om haren zoon Johannes, oud 16 jaren, voor 3 maanden aan den nieuwen straatweg te mogen laten werken.

16. Klaas van Helten, van kol 3, verzoekende daar hij reeds den ouderdom van 18 jaren bereikt had, voor eenen gelijken tijd aan de nieuwen weg te mogen arbeiden; ook zijne ouders verlangden dit.

Daar men bij ondervinding geleerd heeft, dat zelfs de aanraking onzer kolonisten, met de algemeene wegwerkers, voor vele dingen, doch inzonderheid voor de zedelijkheid, nadeelig is, zoo wordt dit verzoek van beiden geheel van de hand gewezen, met bijvoeging der redenen waarom zulks geschiedt.

(get.) J.H. van Wolda secr.


Voor copie conform
De secretaris van den kleinen raad
J.H. van Wolda