Naar het overzicht
van de
KLEINE RAAD




Volledige transcriptie van:

Notulen van het verhandelde in den Kleinen Raad der gewone Kolonien gedurende de Maand Junij 1832


Zaturdag den 2 Junij 1832

Alle leden zijn tegenwoordig.

Artikel 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van Kolonisten.

Verschenen zijn;

Cornelis Boon en Pieter van ít Kaar, beide ingedeeld bij de Weduwe Smit van Kolonie no 1 verzoeken om met verlof te gaan naar Koog aan de Zaan voor den tijd van veertien dagen, hebbende zij de toestemming hunner besteders vertoond.
Is van beide toegestaan.

W. van der Meij, ingedeeld bij Grotthe van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar Utrecht voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

G. Scholten van Kolonie no 3 verzoekt een verlofpas voor zijne dochter Wendelena, oud 15 jaren, voor den tijd van drie maanden om te gaan dienen in Groningen.
Is toegestaan.

Verhoeks van Kolonie no 1. verzoekt om met verlof te gaan naar Zaltbommel voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

N. Beene van Kolonie no 1. verzoekt om met verlof te gaan naar Groningen voor den tijd van 5 dagen.
Is toegestaan.

De Weduwe Wijbes van Kolonie no 3. verzoekt om met verlof te gaan naar Franeker voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Artikel 2.
Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende Kolonien van deze week, welke zijn bevonden als volgt:
Kolonie no 1. Brouwer, Hensbergen en Penning geen mest gemaakt, Nienkemper een voer temin. Voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven het achterstallige te doen bijwerken.
Kolonie no 2. Paupe het achterstallige bijgewerkt, verder geen aanmerkingen.
Kolonie no 3. Manenburg geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven om het achterstallige van Manenberg in het begin der volgende week te doen bijwerken.

Artikel 3.
Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelven zullen aan den Adjunct-Directeur voor het schoolwezen worden gezonden. Die van deze week ingekomen beoordeeld en aan den Onderdirecteur afgegeven ter beboeting.


Zaturdag den 9 Junij 1832.

Alle leden zijn tegenwoordig met uitzondering van den Onderdirecteur Schurer welke met voorkennis van den Adjunct-Directeur wegens dienstzaken naar de Oldemark is.

Artikel 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van Kolonisten

Verschenen zijn:

Vrouw Smit van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar Texel voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Jan Rootje, ingedeelde bij de Weduwe Dijkstra op Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar Harlingen voor den tijd van veertien dagen, hebbende de toestemming zijner besteders vertoond.
Is toegestaan.

Vrouw Bolletje van Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar Amsterdam voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Van Emden van Kolonie no 3 verzoekt verlof voor zijne vrouw om te gaan naar Amsterdam voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Artikel 2.
Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende Kolonien van deze week welke bevonden zijn als volgt:
Kolonie no 1. Brouwer geen mest gemaakt en het achterstallige niet bijgewerkt. Penning, Nienkemper en Spoelstra het achterstallige nog niet bijgewerkt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven om zorg te dragen dat het achterstallige in het begin der volgende week wordt bijgewerkt.
Kolonie no 2. Geene aanmerkingen.
Kolonie no 3. Weduwe Pelt en G. Jansen geen mest gemaakt; Manenburg het achterstallige van de vorige week niet bijgewerkt, voor het overige geene aanmerkingen. De Onderdirecteur zal last gegeven worden om zorg te dragen dat het achterstallige in het begin der volgende week wordt bijgewerkt.

Artikel 3.
Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden, dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelven zullen aan den Adjunct-Directeur voor het schoolwezen worden gezonden. Die van deze week ingekomen beoordeeld en aan den tegenwoordig zijnde Onderdirecteurs afgegeven en aan de afwezige gezonden ter beboeting.


Zaturdag den 16 Junij 1832.

Alle leden zijn tegenwoordig met uitzondering van den Onderdirecteur Faaken welken met voorkennis van den Adjunct-Directeur naar Steenwijk is om rogge te ontvangen.

Artikel 1. Verzoeken, voorstellen en klagten van Kolonisten.
Verschenen zijn:

J. Spel van Kolonie no 3 verzoekt om een verlofpas voor zijne dochter Johanna voor een tijd van drie maanden om te gaan dienen te Steggerda.
Is geweigerd, zijnde het huisgezin zwak en zij kan dus in hetzelve niet gemist worden.

Vrouw Manenburg van Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar Haarlem voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Raaphorst van Kolonie no.2 verzoekt om met verlof te gaan naar Leijden voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Weduwe van der Wall van Kolonie no.2 verzoekt om met verlof te gaan naar Leijden voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Wijhl van Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar Amsterdam voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Steunenberg van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Broek in Waterland voor den tijd van veertien dagen.
Daar er wel op aan te merken is op het gedrag der vrouw stelt de Raad dit verlof nog eenigen tijd uit.

Vrouw Bohle van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Amsterdam voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Geertsma van Kolonie no.1 verzoekt om met verlof te gaan naar Amsterdam voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw IJdema van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan met hare zoon Schelte naar Sloten voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Artikel 2.
Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende Kolonien van deze week welke bevonden zijn als volgt:
Kolonie no 1. Brouwer komt nog acht voer mest tekort. Pennings, Nienkemper en Spoelstra het achterstallige nog niet bijgewerkt. Steinmetz drie voer tekort door ziekte,Le Loux geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur zal last gegeven worden om zorg te dragen dat het achterstallige in het begin der volgende week worde bijgewerkt.
Kolonie no 2. Geene aanmerkingen.
Kolonie no 3. W. Jansen het achterstallige bijgewerkt, Weduwe Petten, Manenburg het achterstallige nog niet bijgewerkt. Jaspers en Van der Wulp geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven om zorg te dragen dat het achterstallige in het begin der volgende week wordt bijgewerkt.

Artikel 3.
Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelven zullen aan den Adjunct-Directeur voor het schoolwezen worden gezonden. Die van deze week ingekomen, beoordeeld en aan den Onderdirecteur gegeven en aan de afwezigen gezonden ter beboeting.


Zaturdag den 23 junij 1832

Alle leden zijn tegenwoordig met uitzondering van den Adjunct-Directeur welke met den Directeur werkzaam is.

Artikel 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van Kolonisten.
Verschenen  zijn:

Vrouw Vegters van Kolonie no 2, verzoekt om met verlof te gaan naar Haarlem met haren zoon Hendrik voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Trijntje van Haften van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar de Ommerschans voor den tijd van vier dagen.
Is toegestaan.

Hendrik Rietberg van Kolonie no.1 verzoekt om met verlof te gaan naar Kampen voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Maarten van Wijk, ingedeeld bij Ebert, en Anna Blank, ingedeeld bij Aldhof, beide van Kolonie no 1 verzoeken om met verlof te gaan naar Alkmaar voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Lambert van Nieuwhoven van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Leijden voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Jacob Leite, ingedeelde bij Hendrik Jacobs van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Tholen voor een tijd van veertien dagen.
Acht dagen uitgesteld.

Sophia Maria Klaasen, ingedeelde bij Willemsen van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Haarlem voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan, hebbende zij de toestemming van harer besteders vertoond.

Petronella Hoormans, ingedeelde bij de Weduwe Kuipers van Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar Haarlem voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan, hebbende zij almede de toestemming harer besteders getoond.

Artikel 2.
Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende Kolonien van deze week welke bevonden zijn als volgt:
Kolonie no 1. Visscher geen mest gemaakt, Van Belkum een voer tekort, Steenmetz het achterstallige bijgewerkt, Brouwer twaalf voer tekort. Vrouw le Loux geen mest gemaakt, doch heeft geene koe. Voor het overige geen aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven om het achterstallige te doen bijwerken; zullende van Brouwer het brood ingehouden worden, zoo hij verder in gebreken blijft.
Kolonie no 2. Geene aanmerkingen.
Kolonie no 3. Weduwe Pelt en Van der Wulp het achterstallige bijgewerkt, Manenburg en Jaspers het achterstallige wel bijgewerkt, doch deze week geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onderdirecteur last gegeven om zorg te dragen dat het achterstallige wordt bijgewerkt.

Artikel 3.
Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelve zullen aan den Adjunct-Directeur voor het schoolwezen worden gezonden. Die van deze week ingekomen en voor den Adjunct-Directeur achtergelaten ter beoordeling.


Zaturdag den 30 Junij 1832

Alle leden zijn tegenwoordig.

Artikel 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van Kolonisten.
Verschenen zijn:

Vrouw Gotz van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan met hare twee kleinste kinderen naar ís-Gravenhage voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Hensbergen van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar ís-Gravenhage voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Rochel van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar ís-Gravenhage voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Smit van Kolonie no 3 verzoekt om met verlof te gaan naar ís-Gravenhage voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Johannes de Lange verzoekt om met verlof te gaan naar Rotterdam om zijne familie te bezoeken voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Hameka van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar Koog aan de Zaan voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Pieter Nomen van Kolonie no 1 verzoekt om met verlof te gaan naar Koog aan de Zaan voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Van Dalen van Kolonie no 2 verzoekt om veertien dagen buiten de Kolonie te gaan werken bij vreemden om zilvergeld te verdienen.
De Raad oordeelt zulks aan hem niet toegestaan kan worden, daar de werkzaamheden in de Kolonie met opmaken van vaarten etc. genoegzaam zijn.

Vrouw Groen van Kolonie no 1 verzoekt om vier gulden uit de spaarbank voor haren zoon Huibrecht, welke in militairen dienst is en door eenen aan den Raad vertoonden brief daarom vraagt.
Is toegestaan.

Hertog Spier van Kolonie no 1 verzoekt om verlof voor zijne dochter naar Haarlem voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Barteld Groters en Gerrit Kanis, bestedelingen van Kampen op Kolonie no 3 verzoeken om met verlof te gaan naar Kampen voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Vrouw Japin van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan met haar dochter naar Haarlem voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Weduwe Puper van Kolonie no 2 verzoekt om met verlof te gaan naar Groningen voor den tijd van veertien dagen.
Is toegestaan.

Maria Christina Uhl, oud 27 jaren, verzoekt nu zij van hare beenkwalen weder geheel hersteld is, te mogen gebruikmaken van haar vroeger bekomen ontslag en te gaan dienen. Zij is daartoe bijzonder geschikt, het huisgezin kan haar missen, weshalve het verzoek wordt ingewilligd.

Artikel 2.
Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende Kolonien van deze week en zijn bevonden als volgt:
Kolonie no 1. Visscher het achterstallige bijgewerkt; Van Belkum het achterstallige voer nog niet bijgewerkt; Brouwer het tekortkomende bijgewerkt; De Kruif geen mest gemaakt.
Kolonie no 2. Dammers geen mest gemaakt.
Kolonie no 3. J.A. Smit geen mest gemaakt. Van der Wulp en Manenburg het tekort bijgewerkt. Jaspers het achterstallige nog niet bijgewerkt. Voor het overige geene aanmerkingen.
De Onderdirecteurs zoveel ieder aangaat last gegeven te zorgen dat het achterstallige wordt bijgewerkt.

Artikel 3.
Zijn ingekomen de Maandelijksche rapporten van den staat des werks om en nabij de huizen.
Kolonie no 1. Smallenburg, Benjamins, Hofman en Bakema de aschhokken niet in orde. Vrouw Le Loux, Penning en Weduwe van Rooijen de tuinen niet genoegzaam schoon, allen aangezegd om het gebrekkige te herstellen.
Kolonie no 2. Inpein, Kolder, van der Palm en Gosems de aschhokken niet in orde. Vrouw Letterie de houtwal beschadigd. Dammers de houtwal niet schoon. Allen aangezegd om het gebrekkige ten spoedigste te herstellen.
Kolonie no 3. Brands, Zwak, De Jong en Van Luipen de houtwallen niet schoon. De Weduwe Kuipers, Scheffer, Van Welsum en de Weduwe Sterrenberg de aschhokken niet in orde. Allen aangezegd de gebreken ten spoedigste te herstellen.

Artikel 4.
Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelve zullen aan den Adjunct-Directeur voor het schoolwezen worden gezonden. Die van deze week ingekomen, beoordeeld en aan den Onderdirecteur afgegeven.

Frederiksoord, den 30 Junij 1832.
Voor eensluidend afschrift,
de Secretaris van de kleinen Raad,
van Marle.