|
DIKKEBOOM,
Dirk
|
|||
| Spellingvariaties: |
Dikkerboom
|
||
| Levensdata: |
geboren ongeveer
1774 |
||
| Subcommissie: |
Steenwijk |
||
| Aankomst: |
19 november 1818 |
||
| Hoevenr.
(tot 1823) |
Nr. 38 |
||
| Vorig
beroep: |
volgens mondelinge
informatie van een bezoeker van het Drents Archief zou hij ooit
zilversmid geweest zijn |
||
| Geloof: |
|
||
| Echtgeno(o)t(e): |
Gezina Jacoba van
Erkelens, ± 1780 |
||
| Kinderen: |
- Katharina Hendrika ?-?-05 - Ernestus 22-12-09 - Antje 21-3-12 |
||
| Overige
huisgenoten: |
Ingedeeld twee Steenwijkse
wezen: - Geert Winters 1802 - Klaasje Winters 1804 |
||
| Opmerkingen: | |
||
Koloniale carrière |
|||
| Samengevat: |
Het eerste gezin dat
van de kolonie wordt weggestuurd, al na twee maanden. Eerst zijn er
klachten over de manier waarop zij de bij hun ingedeelde wezen
behandelen, daarna heeft vrouw Dikkeboom voor haar analfabete buren een
brief naar huis geschreven waarin zij - volgens die buren - meer
kritiek op de kolonie had opgenomen dan de bedoeling was. |
||
| In
het boek: |
Bladzijden 68-69, 103-104,
110, 118-120, 121, 125-126, 128, 377. |
||
Fragmenten uit de archieven
|
|||
Alle handelingen tussen de subcommissie Steenwijk en de Dikkebooms zijn bewaard gebleven onder nummer 3450 in het archief. De strubbelingen die in januari 1819 leiden tot hun wegzending zijn in het boek al uitputtend behandeld. Wel staat op de site nog de (mooie) brief van de subcommissie Steenwijk waarin zij - van agteren bedrogen - reageert op de heenzending, zie hier. Verder doe ik hier alleen:
Van het bij de Dikkebooms ingedeelde en gemaltraiteerde weesmeisje Klaasje Winters is onbekend of ze gelijk met het gezin is vertrokken en daarna weer teruggekeerd of dat ze in de kolonie is gebleven. In ieder geval staat ze later ingeschreven als ingedeelde bij de Steenwijkse kolonist Jan Ragius. Zie Willemsoord hoeve 57. Ragius arriveert op 31-7-1820 in de kolonie, de Dikkebooms waren januari 1819 weggestuurd dus misschien is Klaasje tijdelijk op een andere hoeve ondergebracht, misschien is ze tijdelijk in Steenwijk geweest. Op 12 mei 1822 meldt de subcommissie Steenwijk in een briefje, gevoegd bij een brief van Wouter Visser, haar vertrek: 'Ik heb de
eer UWelEd. namens de subkommissie te Steenwijk te berigten dat de
koloniste Klaasje Winters, behoorende tot het gezin van J. Ragius, op
haar verzoek van onzen kant de vrijheid heeft erlangd van buiten de
kolonie te gaan dienen; - en UwelEd. dus vriendelijk te verzoeken het
noodige deswegens te verrigten en intusschen gemelde Klaasje Winters te
willen ontslaan van hare verpligting aan de kolonie.'
Of de andere ingedeelde, en naar ik aanneem haar broer, Geert Winters, dezelfde is als deWinters die een rol speelt in het 'een liederlijk, ontuchtig en losbandig leeven' van een Kampense huisverzorgster, zie deze pagina, weet ik niet, maar het zou zomaar kunnen. Als op 7 juni 1821 een volgend huisgezin uit Steenwijk aankomt, dat van Hendrik Bartels de Vos, blijken daarin als ingedeelden te zijn opgenomen Ernestus Dikkeboom en Antje Dikkeboom. De twee jongste kinderen, dan respectievelijk elf en negen jaar oud, uit het eerder weggestuurde gezin Dikkeboom. Zijn de ouders dan al overleden? Welnee. Dirks echtgenote Gezina Jacoba komt als Gesiena Jacoba Roelofs voor op de parenteel van Roelof Roelofs en daaruit blijkt dat zij pas tientallen jaren later te Amsterdam overlijdt. Ik denk dat de subcoimmissie Steenwijk de dreigende taal uit haar eerdere brieven heeft waargemaakt, en de kinderen gewoon van de ouders heeft afgenomen. Misschien met dreiging van inhouding van alle bedeling. Hoedanook, Ernestus en Antje deserteren allebei in 1827 van de kolonie. In 1827 overlijdt ene Ernestus Dikkerboom in Steenwijk, maar of dat dezelfde is weet ik niet. De oudste dochter trouwt als Catrina Hendrika Dikkerboom in 1832 te Steenwijk (hwl akte 4) met ene Harm Keizer. Volgens de stamboom Thijs Janssoon (van Mulligen) is die laatste kleermaker van beroep. Diezelfde bron meldt bij een later (1858) huwelijk van een dochter uit dit guwelijk, dat Catrina Hendrika, ofewel de 'moeder der bruid verklaard heeft haren naam niet te kunnen teekenen, als zulks in het geheel niet geleerd hebbende' Daarvoor is ze inderdaad te kort op de kolonie geweest. |
|||