Naar het overzicht
van stukken over de proefkolonie





Lucas Krabshuis blijft jarenlang vaste klant in eerst de bedelaarsgestichten van de Maatschappij en daarna de Rijkswerkinrichtingen voor bedelaars en landlopers


Op 27 mei 1850, dus vijf dagen na het huwelijk van zijn zus Johanna, zie onderaan deze pagina, deserteert Lucas Krabshuis van de kolonie.

Hij wordt ergens in den lande opgepikt door een politieagent en die brengt hem naar de Ommerschans, waar hij blijkens dit overzicht op 12 augustus 1850 aankomt.

Op 22 oktober 1850 N13 besluit de permanente commissie dat hij daar dan maar moet blijven, maar niet in het bedelaarsgesticht, maar in de strafkolonie want daar worden mensen die uit de vrije koloniŽn deserteren altijd naar toe gebracht.

Ze houden hem ruim tweeŽnhalf jaar vast en op 29 april 1853 wordt Lucas Krabshuis uit de koloniŽn ontslagen.

Maar er zal blijken dat hij niet zonder kan.

Eerste opname

Op 14 februari 1854 wordt hij het bedelaarsgesticht op de Ommerschans binnengebracht vanuit Zwolle.

Er is geen bewijs voor maar het kan een vrijwillige opname zijn. Zwolle is, net als Assen, een van die plaatsen waar veel mensen zich opzettelijk laten oppakken om naar de schans te komen. Je kunt namelijk niet naar de poort van de Ommerschans gaan en zeggen dat je naar binnen wil, je moet door een stad gebracht worden.

Hij staat ingeschreven in het boek gemerkt P (Drents Archief toegang 0137.01 invnr 434) met bedelaarsnummer 724. Zie op deze pagina hoe de scans van de bedelaarsregisters te bereiken zijn.

Domicilie

Domicilie van onderstand is Vledder, wat betekent dat die plaats de rekening krijgt voor het verblijf van Lucas in het bedelaarsgesticht.

Hij wordt op 18 maart 1854 overgeplaatst naar het bedelaarsgesticht Veenhuizen-2. De inschrijving loopt door in boek gemerkt S (invnr 437), waar staat dat hij op 10 april 1857 wordt ontslagen.

Tweede opname

Na een maand is hij er weer. Hij wordt op 15 mei 1857 binnengebracht vanuit Zwolle. Hij staat in het boek gemerkt S met bedelaarsnummer 154.

Dit keer wordt een signalement gemaakt: 1.7.4 lang, ovaal aangezigt, bruin haar, grijze ogen, brede neus, gewone mond, ronde kin en geene merkbare teekenen.

Hij wordt op 7 april 1860 ontslagen. Tegen die tijd zit hij niet meer in een kolonie van de Maatschappij van Weldadigheid, want de Staat heeft per eind 1859 de gestichten overgenomen. Het zijn nu de Rijkswerkinrichtingen voor bedelaars en landlopers te Ommerschans en Veenhuizen.

Derde opname

Na een maand, 10 mei 1860, wordt hij weer binnengebracht vanuit Assen. Hij staat in het boek gemerkt S met bedelaarsnummer 1040.

Het signalement is aanmerkelijk anders: 1.7.9 lang, ovaal aangezicht, blond haar en blauwe ogen, grote neus, grote mond, ronde kin en geene merkbare teekenen. Welk van de twee signalementen juist is weet ik niet.

De inschrijving loopt door in het boek gemerkt V, Hij wordt 16 mei 1860 overgeplaatst naar Veenhuizen-2, Volgens toegang 0137.01 invnr 597 wordt hij op 6 december 1861 overgeplaatst naar het derde gesticht. In bevolkingsregister van het eerste gesticht (toegang 0137.01 invnr 490) staat dat hij 10 maart 1861 is overgenomen van het derde gesticht. Hij wordt 10 mei 1863 ontslagen.

Vierde opname

Nog diezelfde maand, 26 mei 1863, wordt hij binnengebracht vanuit Zwolle. Hij staat in het boek gemerkt W met bedelaarsnummer 2635.

De inschrijving loopt door in toegang 0137.01 invnr 292. Hij wordt ontslagen 26 mei 1866.

Vijfde opname

Dit keer blijft hij bijna een jaar weg en wordt hij op 25 april 1867 binnengebracht vanuit een andere plaats, Deventer.

Hij staat ingeschreven in toegang 0137.01 invnr 291 scan 205, met bedelaarsnummer 1229. Hij wordt ontslagen op 25 april 1870.

Zesde, zevende, achtste en negende opname

Later dat jaat, 26 november 1870, wordt hij binnengebracht vanuit Zwolle. Hij staat ingeschreven in toegang 0137.01 invnr 292 met bedelaarsnummer 2363. Hij wordt 28 november 1872 ontslagen.

Hij wordt vanuit Assen weer binnengebracht op 1 januari 1873. Hij staat ingeschreven in toegang 0137.01 invnr 293 met bedelaarsnummer 4328. Hij wordt 2 januari 1875 ontslagen.

Hij wordt vanuit Assen binnengebracht 7 januari 1875, dus na vijf dagen. Hij staat ingeschreven in toegang 0137.01 invnr 293 met bedelaarsnummer 5680. Hij wordt 6 januari 1877 ontslagen.

Hij wordt vanuit Assen binnengebracht op 15 januari 1877, dus na negen dagen. Hij staat ingeschreven in toegang 0137.01 invnr 291 met bedelaarsnummer 560. Hij wordt 17 januari 1879 ontslagen.

Verder weet ik het niet

Of hij daarna nog terugkomt in de bedelaarsgestichten te Ommerschans en Veenhuizen weet ik niet, want dat is niet geÔndexeerd. Hij overlijdt op 7 oktober 1894 te Hoorn op 72-jarige leeftijd.

Zie de voorafgaande vermeldingen van de familieleden in de archiefstukken uit de begintijd van 1818 tot 1825 of de lotgevallen van 1825 tot 1836 of die in de periode 1836 tot 1840 of in de jaren 1840 tot 1850 of ga terug naar de overzichtspagina van Krabshuis.