Notulen van het verhandelde bij den raad van tucht voor de vrije kolonien van Woensdag den 8 December 1830

Alle leden zijn tegenwoordig

De President maakt den Raad bekend met het gebeurde omtrent den kolonist Limbroek, hierin bestaande dat hij voortgaat en toeneemt in ongehoorzaamheid, wispelturigheid en het zich ontrekken aan alle koloniale gezag,

dat zulks laatst op de 13 Novemb. JL in de kleinen raad bij vernieuwing gebleken is, toen hij zich daar kwam beklagen over bedreiging met of werkelijke inhouding van brood, waartoe hijzelf door het te rug houden van het werk van zijnen ingedeelde had aanleiding gegeven,

als hebbende Limbroek zich daarbij aan de verregaandste onbescheidenheid en oproerigheid schuldig gemaakt,

dat hij vervolgens voor den raad van toezicht en daarna voor den raad van tucht geroepen zijnde niet alleen niet verschenen is, maar zelfs heeft te kennen gegeven zich aan geene koloniale Directie hoegenaamd te storen,

hetwelk hij met de daad bevestigt, door zelfs de toegang in zijne woning aan zijne gestelde overheid te weigeren.

Dat de Direkteur dit gebeurde ter kennis van den Perm Comm gebragt hebbende, en derzelven meening en goedkeuring hierover gevraagd zijnde, deze hem bij missive van 30 Nov JL N12 heeft geautorizeerd tot het doen overbrengen naar de strafkolonie van den oproerigen kolonist Limbroek,

of indien dit aan moeilijkheden mogt onderhevig zijn, tot verwijdering van denzelven en zijn gezin uit de kolonien, nadat Limbroek andermaal voor den raad van tucht zal zijn geroepen, en, hetzij hij al dan niet verschijnd een behoorlijk vonnis te zijnen opzigte zal zijn gewezen.

De beschuldigde is wedrom niet verschenen.

Nadat twee leden van den Raad de ongehoorzaamheid en verkeerdheid van den beschuldigde nog nader hadden te kennis gegeven en aangetoond, wijst de President de leden van den raad op art 2 en 3 van het reglement van policie en tucht voor de kolonisten huisgezinnen van de 8 July 1829 N19, en verder krachtens het 2e lid van Art. 3 het besluit ter verplaatsing voor eenen onbepaalden tijd naar de kolonie te Ommerschans van het huisgezin van Limbroek.

Al de leden stemmen daarin toe, zonder eenige bedenking, en wordt mitsdien tot die overplaatsing besloten en daar de Permanente Commissie hare goedkeuring daarop bereid heeft gegeven, ook om dezelve ten spoedigste te doen geschieden.

Aldus gearresteerd bij den raad van tucht te Frederiksoord den8 December 1830
J. van Konijnenburg, vz
A Brouwer
M Bersma,
JA Dornbach
G. Fraterman
G:Althoff;    
JH van Wolda, secr.

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1615

Notities bij het zittingsverslag