Raad van Policie en Tucht gehouden te Frederiksoord den 17 Dec 1870

Alle leden zijn  tegenwoordig.

De Raad van Tucht

Gelezen een proces Verbaal van den Raad van toezigt in Kolonie 1 van den 3e  November 1870, houdende het voorloopig verhoor van den Kolonist C. van Bree, wegens dronkenschap.
Gehoord de beschuldigde die zijn misdrijf bekent doch tot verschooning aanvoert dat hij naar Steenwijk was geweest om zijn nichtje af te halen, en dat hij meende de Directie hem overigens niet kon beschuldigen, dat hij een onmatig gebruik van Sterken drank maakte.
Gelet op Art. 85 litt c in verband met Art. 86 1e ged. Van het Regl v. Beheer

Besluit

Bovengenoemden C. van Bree te veroordeelen tot opsluiting voor den tijd van twee dagen in de strafkamer.


2e Gelezen een proces verbaal van den Raad van toezigt in Kolonie 3 dd. 9 November 1870 houdende het voorloopig verhoor van Arie Kamans en Pieter Feenstra, ontslagen koehoeders bij de hoeve Generaal van den Bosch, beschuldigd van onachtzaamheid door het laten loopen van een koe, die aan hen was toevertrouwd, op de rails van den spoorweg, met dat gevolg dat die Koe door den trein is overreden, waardoor de dood van die Koe is veroorzaakt.
Gehoord de beschuldigden die niets tot hunne verontschuldiging hebben in te brengen.
Overwegende dat Arie Kamans reeds gedurende drie jaren als koehoeder heeft dienst gedaan en de jongste Pieter Veenstra, eerst onlangs als koehoeder is aangesteld.
Gelet op Art 85 litt: f in verband met het 4e ged van Art 86 van het Regl: v: Beheer
Overwegende verder dat de waarde vergoeding van het verwaarloosde in dezen, te zake van onvermogen niet van toepassing kan zijn

Besluit

Arie Kamans te veroordeelen tot het betalen eener geldboete van drie Gulden, benevens opsluiting voor den tijd van twee dagen in de strafkamer en
Pieter Veenstra, uit aanmerking zijner jeugd te veroordeelen tot het betalen eener geldboete van een Gulden benevens opsluiting voor den tijd van één dag in de strafkamer.



3e Gelezen een proces Verbaal van denzelfden Raad van toezigt (Kol 3) dd. 10 December 1870, betreffende het voorloopig verhoor van Christina van Rooij, oud 17 Jaar beschuldigd wegens diefstal van een muts uit den winkel van den Winkelier Heroma te Willemsoord.
Gehoord de beschuldigde die haar misdrijf bekent en te kennen geeft, dat zij het uit behoefte heeft gedaan en hare moeder geen muts voor haar kon koopen.
Gelet op Art 85 litt: f in verband met het 4e ged. Van Art. 86  van het Regl: v: beh
Overwegende dat de muts aan den eigenaar is ter hand gesteld, en de vergoeding van het verduisterde alzoo buiten aanmerking blijft

Besluit

Christina van Rooij te veroordeelen tot eene opsluiting voor den tijd van twee dagen in de strafkamer.


4e Gelezen een proces Verbaal van den Raad van toezigt in Kol. 2 van den 24e Novemb 1870, betreffende het voorloopig verhoor van den bestedeling J. Brinkhuijsen die zich aan desertie heeft schuldig gemaakt.
Gehoord den beschuldigde, die bij de bekentenissen blijft, door hem in genoemde raad van toezigt gedaan
Gelet op Art: 85 litt: d in verband met het 2e ged van Art: 86
Overwegende dat het opleggen van boete, noch vergoeding van de waarde van het verkochte in deze van toepassing kan zijn, omdat niet de beschuldigde, maar de uitbesteders daardoor gestraft zouden zijn

Besluit

Genoemden Jan Brinkhuijsen te veroordeelen tot eene opsluiting voor den tijd van drie dagen in de strafkamer.


5e Gelezen een proces verbaal van den Raad van toezigt in Kolonie 1 van den 8 December 1870, betreffende het voorloopig verhoor van Jan Zeilmaker, zoon van den vrijboer Gerrit Zeilmaker, beschuldigd van het plegen van baldadigheid, door het bonzen op de glazen bij de woning van den Geneesheer, gelijk uit overgelegde schriftelijke klagte van ZEG blijkt.
Gelezen de verdere klagten, die reeds vroeger omtrent dezen jongen zijn ingekomen, doch waaraan om daar bij vermelde redenen geen gevolg is gegeven.
Gelet op Art: 85 litt: b in  verband met het 1e gedeelte van Art: 86

Besluit

Genoemden Jan Zeilmaker, die niet voor de Raad verschenen is, bij verstek te veroordeelen tot eene opsluiting voor den tijd van één dag in de strafkamer.
De Raad heeft gemeend ter opheldering voor de betrekkelijk geringe opgelegde straf te moeten aanvoeren dat genoemden Jan Zeilmaker slechts den ouderdom van negen jaren heeft bereikt.

De Raad van Tucht
(get) C. Hulst, voorz
J. Pottinga, Sn(?)
S. Bollens
H. Hool????
H. Maartens
L. W. van Os, Secret.

Voor eensluidend Afschrift
L. W. van Os



BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 3285

Notities bij het zittingsverslag