Extract uit het Register der Notulen van het verhandelde in de Raad van Tucht te Ommerschans
Raad, gehouden op maandag den 9 January 1843



Daar alle Leden tegenwoordig zijn, wordt de vergadering door de voorzitter geopend.


Wordt voor dezelve gebragt de Kolonist Hans Lijkles Oosterhof, N458, schuldig aan het ontvreemden van aardappelen uit de broodbakkerij. De president, vragende waarom hij zulks gedaan had, gaf hij een niets beduidend antwoord. Men laat hem aftreden.

Gezien Artikel 13 van het Reglement van Tucht,luidende als volgt

dit gedeelte is niet getranscribeerd, zie voor de tekst van het artikel bij Reglementen

De Raad besluit hem te straffen met acht dagen opsluiting en dubbele vergoeding van de ontvreemde aardappelen ter somma van f 0,25 op zijn tegoed bij de Maatschappij.
Hij wordt weer binnengelaten en door de Secretaris zijn vonnis kennelijk gemaakt, waarna hij aftreed.

Ten tweede verschijnt voor den Raad de Koloniste veldwachter Meerten Jans Smit, N3226, wiens vrouw zich heeft schuldig gemaakt aan het verzetten van eenige aan dezelve in gebruik toevertrouwde fournitures, bestaande in drie wolle dekens en vier lakens, eene gezamentlijke waarde hebbende van f 25,20, doch welke goederen door denzelven veldwachter wederom zijn gelost voor f 8,21 die hun daartoe door de Directie op zijn tegoed op de Maatschappij is voorgeschoten. Men laat hem aftreden.

De Raad, overwegende dat, ofschoon de vorengemelde daad schijnbaar buiten weten van den man heeft plaatsgehad, echter nu voortaan geene goederen aan het huisgezin kunnen worden toevertrouwd, en dat aangezien de man reeds door de Directie van zijne betrekking als veldwagter tot die van nagtwagt is teruggebragt, en hij derhalve reeds daardoor een belangrijke straf heeft ondergaan, heeft na deliberatie besloten het 1e Artikel van het Reglement van Tucht, hiervoren omschreven, in zooverre op hun toe te passen, dat de verpand geweest zijnde goederen, door denzelven Veldwagter, als verantwoordelijke voor de daden zijner vrouw, in plaats van dubbel enkel zullen worden vergoed en dat gevolgelijk zijne rekening met een bedrag van f 25,20 zal worden belast.

De schuldige, weer binnengeroepen zijnde, maakt de secretaris het bovenstaande kennelijk, waarna hij aftreed.

Op rondvraag van den President niemand der leden iets meer hebbende voor te stellen, wordt de vergadering gesloten.

Aldus gedaan op dato als boven (was getekend) A. Hulst, J.F. Krieger, P. Postema, J. Steenbeek, Blijstra, Uhl en Borman, alle Leden van de Raad.


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1623