Weeshuizen bij het derde gesticht Veenhuizen

Extract uit het Register der Vonnissen van de Raad van Tucht 1 September 1837


De Leden zijn allen tegenwoordig, de Voorzitter opent de Raad.

Wordt voorgenomen de desertie der Weezen F. Angers, J. Blom, M. L. H. van den Berg & S. Jongbloed die op den 25 & 30 Augs JL door Politie dienaren van de Smilde en Franeker in het Gesticht zijn terug gebragt.

De opgenoemde Weezen worden binnen geroepen en naar de reden van hunne desertie gevraagd, doch geene van hunne redenen meriteren eenige Condsideratien, de President beveelt daarom dat zij wederom aftreden.-

Men gaat alzoo over tot de strafbepaling.

Gezien art 4  sub 2 van het Reglement van Tucht behelzende:
Verwijdering uit de koloniën zonder verlof:
hetzij die volvoerd en men van desertie terug gebragt is, hetzij die verhinderd is geworden.

Opsluiting van een tot acht dagen in de strafkamer, om den anderen dag te water en brood en bij herhaling met boeijen aan”

Overwegende dat het de eerste desertie is- ten minsten- bij hunne onlangs plaats gehad hebbende overplaatzing van het 1e Gesticht naar herwaarts, is er geen gewag van vroegere straffen gemaakt.

De Raad is van gevoelen vorenstaand artikel op hun lieden toe te passen, met weglating nogthans van de boeijen, en condemneert F. Angers, J. Blom, M. L. H. van den Berg en S. Jongbloed tot acht dagen strafkamer arrest om den anderen dag te water en brood.

Aldus gedaan op dato als boven

De President en Leden

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1622


Notities bij het zittingsverslag