Weeskinderen

Kolonie Veenhuizen 3e Gesticht
Vergadering van de Raad van Tucht op den 17 December 1839.-


De Raad wordt door den voorzitter geöpent.-

De van desertie terug gebragte bedelaars-kolonisten-kinderen met name: Joh: Eben, J. Lokhof & J. Nieman door een politiedienaar uit Groningen, alsmede J. D. de Vries en L. J. Hoekstra door een daartoe gekwalificeert persoon uit de Gemeente Joure provincie Vriesland, verschijnen voor de Raad.-

De President vraagt naar de redenen hunner desertie, waar op de een te kennen geeft dat zijn Vader in Vriesland zoude ziek zijn, een ander wilde zijn moeder bezoeken en wederom een derde zijn broeder, zo dat er geene redenen bleken te bestaan, die in aanmerking konden komen.

De opgenoemde jongelingen treden buiten.

Gezien art 4 sub 2 van het Reglement van Tucht voor weezen luidende:
“Verwijdering uit de koloniën zonder verlof: hetzij die volvoerd en men van desertie terug gebragt is, hetzij die verhindert is geworden.
Opsluiting van een tot 8 dagen in de strafkamer, om den anderen dag te water en brood en bij herhaling met boeijen aan”

Wordt besloten de volle straf toetepassen op alle de hierboven genoemde jongelingen, en daar na terugplaatsing naar het 2e gesticht.

De vijf deserteurs komen binnen en wordt hun vonnis voorgelezen.

De Raad wordt daar na gesloten.

Aldus gedaan op dato als boven

De President & Leden
S. B. Drijber pr, C. W. Rensing, L. NBandring, J. Damens, R. Smies
J.. Bosma, Secr.

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1622


Notities bij het zittingsverslag