Proces Verbaal uit de Zitting van den Raad van Policie, en Tucht voor Kolonisten Huisgezinnen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen
Zitting van Zaturdag den 30e Maart 1839


De Raad door den President geconvoceerd zijnde waren alle de Leden tegenswoordig.

Door den President werdt aan den Raad kennelijk gemaakt dat op den 19e dezer den Bedelaars Kolonist Fredrik Stoellematter zonder voorkennis de kolonie had verlaten, en dat hij de 29e daar aan volgende vrijwillig was terug gekeert.

De raad heeft den aangeklaagden doen binnen staan om hem ten deze te horen, hij gaaf voor dat hij zijn Grootmoeder die te Amsterdam woonde, was wezen bezoeken (: zonder hier toe Verlof aan de Directie te hebben gevraagd:)

de raad heeft hem doen buiten staan om over de aan hem op te leggen straf voor dit misdrijf te delibereren.

Daar hij La : C van het Reglement van Policie en Tucht voor de Kolonisten Huisgezinnen had overtreden voorkomende onder Art 2 “Zonder bekomen Verlof de Kolonien Verlaten”, waar op Art 3 de straf bepaald

De straffen op de in het vorige artikel uitgedrukte verkeerdheden en misdrijven gesteld, zijn:
1 Opsluiting van 3 tot acht dagen in de strafkamer, naar gelang der omstandigheden, van hem, die zich voor de eerste maal aan de misdrijven onder La A tot C vermeld heeft schuldig gemaakt.

de raad heeft naar gehouden deliberatie naar aanleiding van dit  art. den aangeklaagden gecondemneerd tot opsluiting in de strafkamer voor den tijd van vier dagen.
De gecondemneerde hebbende doen binnen staan is hem dit vonnis voorgelezen.

Waar van Proces verbaal is opgemaakt op dag en datum als boven is gemeld.-
Poelman, pres.
Textor
Kuipers
B. Dikland
P.K. van Geemert
L. Coelen, secr.


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1618

Notities bij het zittingsverslag