Kolonisten gezinnen - Veenhuizen-1

Extract uit het register der Notulen van het verhandelde in den raad van Politie en Tucht voor kolonisten huisgezinnen bij het 1 Gesticht te Veenhuizen

Zitting van Dingsdag den 28 October 1845


Present
C. W. Rensing,  president
Leden: A. M. J. Textor, G. H. Kuipers, R. S. Hunia, B. W. Dikland
J. F. Morriën, secretaris,

De Raad door den president geconvoceerd zijnde, waren alle de Leden tegenwoordig.

De president ôpent de vergadering en deeld aan den Raad mede eene bij hem ingekomen aanklagte van den Bedelaars Kolonistenvrouw Duvé, wonende aan het 3 Gesticht, tegen den alhier van de Gewone Koloniën gedetacheerden bestedeling Jan Claazen Rootjen,

dat zich in zwangeren toestand bevind, hare dochter Anna Maria Duvé, met welke den aangeklaagde in naauwe kennis heeft gestaan,

en hoe zeer zij reeds uit de Koloniën ontslagen is, zonder dat het de directie bij het 3e Gesticht bekend schijnt te zijn geweest, zij zich in dien toestand bevond,

zoo heeft Rootjen echter voor den Raad beleden daar aan schuldig te zijn, met betuiging hij voornemens is, zijn ontslag uit de Koloniën aan te vragen, en later met dit meisje te huwen.

Wij vermogten niet anders dan hem voor den Raad te roepen en in overeenstemming van het Reglement van Tucht te straffen, zoo als de Raad met algemeene stemmen gedaan heeft, naar aanleiding van Artikel 3, onder goedkeuring van de Permanente Commissie, hem voor eenen onbepaalden tijd te  verwijzen naar de strafkolonie Ommerschans.

Waarvan proces verbaal is opgemaakt en ondertekend door de onderstaande
C. W. Rensing, president
A.M.J.Textor en G.H.Kuipers, R. S. Hunia en B. W. Dikland, Leden
en J. F. Morriën, Secretaris
Voor Extract Conform
De Secretaris
J. F. Morriën


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1619

Notities bij het zittingsverslag