Kolonisten gezinnen - Veenhuizen-1

Extract uit het register der Notulen van het verhandelde in de Raad van Tucht voor arbeiders huisgezinnen bij het 1 Gesticht Veenhuizen

Zitting van Zaturdag den 18 April 1846


Present
C. W. Rensing,  president
Leden: A. M. J. Textor, G. H. Kuipers, B. W. Dikland, R. S. Hunia
J. F. Morriën, secretaris

De raad wordt door den president geôpent.

Antje Tuinstra, N. 234 bis, weduwe G. Ligthardt Arbeiders koloniste oud 44 Jaren van Sneek, die zich in zwangere omstandigheid zoude bevinden wordt ontboden en verschijnt.

De President vraagt haar of het waarheid is, dat zij zich in eenen zwangeren toestand bevind, en zoo ja, wie de persoon is met wien zij onzedelijke omgang gehad heeft.

De beschuldigde geeft een bevestigend antwoord, zegt reeds 6 maanden in dien staat gevorderd te zijn, en noemt Jan Klaatsen Rootjen als de persoon van wien zij zwanger is.

De persoon J. K. Rootjen, ingedeelde bestedeling van de gewone Koloniën bij dit Gesticht, is thans voor straf bij het 2e Gesticht, mede ter zake van onzedelijken omgang met de Dochter van den bedelaars kolonist Duvé bij het 3e Gesticht, zie proces verbaal van den Raad van Tucht van dit Gesticht dd 28 October 1845, ingezonden bij brief van den Adjunct Directeur dd 3 November 1845 N. 246.

De Wed G. Ligthardt treed af, en de raad gaat over tot de behandeling dezer zaak.

Gezien artikel 2, sub F van het reglement van Tucht voor arbeiders huisgezinnen, luidende:
“Onzedelijke omgang met of verleiding tot onzedelijkheid van anderen” zal worden gestraft overeenkomstig Artikel 3 daar aanvolgende, sub 2 met overplaatsing voor eene onbepaalde tijd naar de kolonie Ommerschans.

Gehoord het gevoelen van ieder Lid in het bijzonder.

Wordt besloten:

Antje Tuinstra weduwe G. Ligthardt met haar gezin bestaande uit 3 zielen (eene dochter en een zoon) onder goedkeuring van de Permanente Commissie voor eenen onbepaalden tijd over te plaatsen naar de Ommerschans.

Omtrend Jan Klaatzen Rootjen die zich aan het 2e Gesticht bevind, en die zich aan dit misdrijf heeft schuldig gemaakt, in dezelfde tijd toen hij het eerste pleegde; de Directie van het 2e gesticht te verzoeken, hem voor de Raad van Tucht voor bedelaars kolonisten over dit feit te willen doen te regt staan.

De weduwe G. Ligthardt wordt binnen geroepen en ontvangt haar vonnis, waarna men haar laat aftreden.

Niets meer te behandelen zijnde, wordt de vergadering gesloten.

Aldus gedaan op dato als in het hoofd dezes vermeld.
(Was getekend)
C. W. Rensing, president
Leden: A. M. J. Textor, G. H. Kuipers, B. W. Dikland, R. S. Hunia
Voor Extract Conform
De Secretaris
J. F. Morriën


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1619

Notities bij het zittingsverslag