Bedelaars bij het tweede gesticht Veenhuizen

Zitting van 21 oktober 1829


Op heden den 21 october 1829 word bij het 2e Etablissement te veenhuizen door den Heer S: B: Drijber de raad van dezipliene belegd bestaande uit de President voornoemd, den Onder Direkteur binnen, den Onder Direkteur buiten, den Onder Direkteur der fabriekmatige arbeid, voorts de zaalopzieners van Eck en Kloppenburg om te onderzoeken en te vonnissen over zaken betrekkelijk een ingekomen Proces verbaal van den zaalopziener Buck ten bezware opgemaakt van de Bedelaars kolonisten J: Ides(?) en E: Nietman als hebbbende zich schuldig gemaakt aan Desertie –

De beschuldigden J: Ides en E: Nietman worden voor den Raad gebragt –
Het Proces verbaal word door den voorzitter voorgelezen –

De voorzitter ondervraagt de waarheid van het Proces verbaal aan de Bedelaars J: Ides en E: Nieman welke eenparig verklaren zich aan de Gemelde Desertie te hebben schuldig gemaakt –

De Raad doet de Beschuldigden Buiten gaan.
De voorzitter steld voor op grond van art: 11 van het Reglement van tugt, tengevolge bewezen gepleegde Desertie van de kolonisten J: Ides en E: Nietman, op ieder de straf te laten vallen van tien dagen Prevoost arrest, de eerste twee dagen te water & Brood, gepaard gaande met het dragen van een Deserteurspak gedurende de tijd van vier maanden en, te beginnen op heden den 21 october 1829.

De overige leden stemmen in de strafbepaling van den voorzitter over een, waarop de beschuldigden worden binnen geroepen, en hun het opgelegde vonnis voorgelezen –

Aldus opgemaakt door de Raad van Dezipliene ten dage en jare voorschreven.
S: B: Drijber, voorzitter
L:N: Bandering, Onder Direkteur
J: Kluvers Onder Direkteur
????? Onder Direkteur
Kloppenburg zaalopziener
Van Eck zaalopziener
van Marle, secretaris

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1620


Notities bij het zittingsverslag