Bedelaars bij het tweede gesticht Veenhuizen

De Raad van Tugt belegd op heden den 8 Maart des Jaars 18 Een en dertig door den WelEdele Heer S.B.Drijber President


Aanwezig de President voornoemd,  de Onder Directeurs J.Kluvers en L. Neyenbandering en de Zaalopzieners Briek en van Eck, om te onderzoeken en te vonnissen in zake betrekkelijk ingekomen Proces Verbaal van den Zaalopziener Muller opgemaakt ten Lasten van de Bedelaars Kolonist Harmen Seegers als hebbende zich op den 28 February JL schuldig gemaakt aan desertie voor de eerste maal, en daar zulks strijdig is met Art. 11 van het Tucht Reglement zoo word voormelden Seegers voor den Raad gebragt.

De Raad ondervraagt voormelden Bedelaars Kolonist naar het geen in het Proces verbaal ten zijnen laste word vermeld, waarop hij erkend zich aan voormelde misdaad te hebben schuldig gemaakt.

De Raad doet de beschuldigden buiten gaan en komt met den President overeen aan voormelden Bedelaars Kolonist Harmen Seegers de straf op te leggen van 10 dagen Provoost arrest, dit Vonnis hem voorgelezen zijnde, zoo wordt den Raad ten dezen gehouden voor geeindegd.

Aldus opgemaakt op Dag, Maand en Jaar als boven

De President en verder Leden
S.B.Drijber
J.Kluvers
L. N. Bandering
Briek
Van Eck
Krieger jun secretaris

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1620

Notities bij het zittingsverslag