Bedelaars bij het tweede gesticht Veenhuizen

De raad van Tucht belegd op heden den Vijftiende December des Jaars 1800 Een en dertig door den WelEdele Her S: B: Drijber als President


Extract uit de Notulen van de Raad van Tucht gedurende de maand December JL

Aanwezig de President voornoemd, de Onderdirekteurs J. Kluvers en L. Nyenbandering en de Zaalopzieners Muller en Buck om te onderzoeken en te vonnisen in Zake betrekkelijk een ingekomen Proces Verbaal van den Zaalopziener van der Einden opgemaakt ten bezwaren van de Bedelaars Kolonist Johanna van Straten als hebbende zich schuldig gemaakt aan het ontvreemden van aardappelen toebehorende aan de maatschappij en daar zulks strijdig is tegen Art. 13 van het Tucht Reglement alhier in gebruik, Zoo wordt de zelve voor de Raad gebracht.

De beschuldigde word het proces verbaal voorgelezen waarop zij bekend hieraan schuldig te zijn en het zelve overeenkomstig de waarheid is.

Hierop doet de Raad de beschuldigde buiten gaan en wordt door dezelve besloten om J. van Straten de straf op te leggen van 6 dagen Provoost arrest.

De Bedelaars Kolonist J. van Straten weder om binnen geroepen zijnde, word haar het bovenstaande vonnis voorgelezen hetwelk heden aan zal worden geexecuteerd

Verder niets meer door de Raad verhandelt worden=word dezelve gehouden voor geeindigd.

Aldus opgemaakt op dag, maand en Jaar als boven.
S.B. Drijber
J. Kluvers
L. Nyenbandering
Müller
Buck
J.F. Krieger, secr.

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1620

Notities bij het zittingsverslag