Bedelaars bij het derde gesticht Veenhuizen

Vergadering van de Raad van Politie en Tucht voor Bedelaars Kolonisten bij het 3e Gesticht te Veenhuizen op den 28e November 1842


De Raad vergaderd zijnde wordt door den voorzitter geöpend.

Wordt voorgenomen de desertie van den Bedelaars kolonist J. J. van der Leeuw (voor de tweede maal), op heden door een policie bediende van Beesterzwaag teruggebragt.

De beschuldigde wordt binnengeroepen en gehoord, doch weet niets ter zijner verontschuldiging in te brengen.

Gezien art 11 van het tuchtreglement voor Bedelaars Kolonisten, luidende als volgt;

“Hij die voor de eerste maal ontvlugten wil en daarin wordt verhinderd of ontvlugt en weder terug gebragt is zal met opsluiting en boeijen tot tien dagen toe de twee eerste te water en brood, worden gestraft met medeneming van goederen buiten de aanhebbende kleeding of andere verzwarende omstandigheden, als ook ontvlugting voor de tweede maal  met opsluiting in boeijen gedurende Veertien dagen, waarvan de drie eerste en drie laatste te water en brood enz. “

Wordt beslooten

J. J. van der Leeuw te straffen met Veertien dagen provoost arrest in boeijen waarvan de drie eerste en drie laatste dagen te water en brood, en na de ondergane straf tot het dragen van eene onderscheidene kleeding voor den tijd van Vier maanden.

Welk vonnis den veroordeelden wordt kenbaar gemaakt, waarna de Raad wordt geslooten.

Aldus gedaan op dato als boven
De President en Leden
S. B. Drijber
L. NBandring
J: Bosma
D. v.d. Tempel

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1622

Notities bij het zittingsverslag