Bedelaars bij het eerste gesticht Veenhuizen

Extract uit de Notulen van het verhandelde in den Raad van Tucht voor Bedelaars Kolonisten bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van den 12 Julij 1849


Present
C. W. Rensing, Prest
Leden van den Raad: A. Textor, G. Kuipers, J. v d Ven, B. Nijman
J. F. Morriën, secretaris

De Raad geconvoceerd zijnde, waren alle Leden tegenwoordig.

Wordt voorgenomen:

Warner Bruins Slot N2566 Bed. Kol. (Desertie voor de 5e maal)

Men gebood hij binnen zoude staan om gehoord te worden.

Hij gaf voor, dat de begeerte naar zijne Zusters te Meppel de aanleiding  was zijnder herhaalde desertiën.

Men liet hem buiten staan om over zijn misdrijf te raadplegen.-

Gezien Art 11 van het Reglement van Tucht voor Bedelaars Kolonisten

Gehoord het gevoelen van ieder Lid van den Raad in het bijzonder

Besluit:

Den Bedelaars Kolonist W. B. Slot N2566 te straffen met 14 dagen opsluiting in boeijen, waarvan de drie eersten en de drie laatsten dagen te water & brood, & met 20 rietslagen, en om ten minsten vier maanden lang eene onderscheidene kleeding te moeten dragen; voorts met overplaatsing naar het 2e Gesticht van waar hij overgenomen was, tevens zijne rek. oververd. belasten met f 4.50 wegens betaalde premie en transport kosten.

Men liet hem binnen staan, las hem dit vonnis voor, waarop hij aftrad.

Geene verdere voorstellen door de Leden gedaan zijnde, sluit den President de vergadering.

Aldus opgemaakt op datum als in hoofd dezes vermeld en onderteekend door
(wgt) C. W. Rensing, President
Leden van den Raad: A. Textor, G. Kuipers, J. van de Ven, B. Nijman
J. F. Morriën, Secretaris
   
voor Copie Conform
de Secretaris
J. F. Morriën

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1619

Notities bij het zittingsverslag