Naar het overzicht
van de
KLEINE RAAD




Volledige transcriptie van:

Notulen van het verhandelde bij den kleinen Raad in de gewone koloniŽn, gedurende de maand Januarij 1834



Zaturdag den 4e Januarij 1834

Tegenwoordig de Adjunct-Directeur en de Onder Directeur van Kolonie no 1, zijnde de Onder Directeur van Kolonie no 3 en de Heer van Marle met voorkennis afwezig.

Art 1.
Verschenen: de kolonist Molewijk van kolonie no 1, met verzoek om zijn kleinkind, met name Sophia Gerardina in de sterkte der koloniale bevolking mogt worden opgenomen.
Genoemd meisje is een onecht kind van Antje, dochter van Molewijk, welke, uit hoofde van zwangerheid den 23 Maart 1823 overgeplaatst is naar de Ommerschans, alwaar gemelde kind in datzelfde jaar geboren is. Vervolgens is het kind, met toestemming der Directie van Ommerschans aangebragt naar kolonie no 1, bij derzelver grootouders en de moeder, Antje Molewijk, verlof verleend om voor eenen onbepaalden tijd buiten de koloniŽn te gaan dienen. In de maand April 1833 is Antje Molewijk in haren dienstbaren staat overleden, zoo dat het kind thans zonder ouderlijken hulp of zorg verkeert en bij het overlijden der grootouders (onder wiens opzigt het nog is) geheel aan zich zelve zou zijn overgelaten. Weshalve de Raad het verzoek van Molewijk moet goedkeuren en de Permanente Commissie verzoekt hare autorisatie te willen geven, om gemelde kind in de sterkte te doen opnemen.

Art 2. Mestmakerij
kol 1. Brouwer, Veen, Verbeek en Hendriks het achterstallige bijgewerkt.
kol 2. Geene aanmerkingen.
kol 3. Wed. Pelt het achterstallige bijgewerkt.

Art 3. Staat des werks om de huizen.
De beide achtergeblevene rapporten als een van kolonie no 1 en een van kolonie no 2 ingekomen, doch geene aanmerkingen.

Art 4. Schoollijsten
Van de vorige week ingekomenen waren naar orde behandeld, doch niet beboet. Van deze week zijn van de Onderwijzers ingekomen en naar omstandigheden behandeld.

Zaturdag, den 11 Januarij 1834

Alle leden zijn tegenwoordig.

Art 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van kolonisten

Verschenen zijn:

Vrouw van Putten, van kolonie N. 3, verzoekt om met verlof te gaan naar Kampen, voor den tijd van zes dagen.
Is toegestaan.

Art 2. Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende koloniŽn van dezer week, welke bevonden zijn als volgt:
kol 1, Maatje. Ladru, Haakmeester, Rietberg, Penning, Rosenboom en Limbeek geen mest gemaakt. Den Onder-Directeur opgedragen om te zorgen, dat het achterstallige in de volgende week worde bijgewerkt.
kol 2. Geene aanmerkingen
kol 3. Pelt geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onder-Directeur last gegeven om te zorgen dat het achterstallige worde bijgewerkt.

Art 3. Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelve zullen aan den Adjunct-Directeur van het schoolwezen worden gezonden.
Die van deze week ingekomen, beoordeeld, en aan den Onder-Directeurs afgegeven ter beboeting.

Zaturdag, den 18e Januarij

Alle leden zij  tegenwoordig.

Art 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van kolonisten

Verschenen zijn:

van der Korst van kolonie no 2, verzoekt om met verlof naar Zwolle voor den tijd van vier dagen.
Is toegestaan.

Jan Spel van kolonie no 3, verzoekt om met verlof te gaan naar Groningen, voor den tijd van acht dagen.
Is toegestaan.

Art 2. Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende koloniŽn van deze week, welke bevonden zijn als volgt:
kol 1. Maatje, Ladru, Haakmeester, Rietberg het achterstallige bijgewerkt, Penning en Roozenboom komen ieder drie voer tekort en Limbeek vier voer van de vorige week. Den Onder-Directeur wordt opgedragen om te zorgen dat het achterstallige in de volgende week worde bijgewerkt.
kol 2. Geenen aanmerkingen
kol 3. Pelt het achterstallige bijgewerkt, voor het overige geene aanmerkingen.

Art 3. Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelven zullen aan den Adjunct Directeur van het Schoolwezen worden gezonden.
Die van deze week ingekomen, beoordeeld, en aan den Onder-Directeurs afgegeven ter beboeting.
Uit de lijsten van de vorige week is gebleken, dat van de Wed: van der Walle en de Wed: Staal ieder zes pond brood zal worden ingehouden.


Zaturdag den 25 Januarij

Alle leden zijn  tegenwoordig met uitzondering van den Onder-Directeur Schuurer welke hiervan kennis heeft gegeven.

Art 1. Voorstellen, verzoeken en klagten van kolonisten

Verschenen zijn:

Jan van Agteren, van kolonie mo 3, verzoekt om met verlof te gaan naar Hoogeveen voor den tijd van zes dagen.
Is toegestaan.

Vrouw de Ruiter van kolonie no 1, verzoekt dat haar kleinkind, de dochter van Catharina Smies, welke indertijd wegens zwangerschap naar de Ommerschans is overgeplaatst, alwaar dit kind den 15e April 1824 is geboren en zeven maanden oud zijnde met toestemming van den Heer Generaal van den Bosch, en den toenmaligen Heer Directeur bij het huisgezin van de Ruiter is overgebragt, doch waarvoor zij geene voeding ontvangt in de sterkte van het huisgezin mag worden opgenomen.
De Raad oordeelt dat het moeijelijk is dit kind hetwelk reeds zoo vele jaren bij de grootouders is geweest, te doen vertrekken, waarom zij dit verzoek ten gunstigste aan de Permanente Commissie voorstelt.

In de kantlijn bijgeschreven: Dit schijnt waarheid te wezen. Daarom ondersteund. vK

Art 2. Zijn ingekomen de mestrapporten van de verschillende koloniŽn van deze week, welke bevonden zijn als volgt:
kol 1. Brouwer geen mest gemaakt, Penning en Roosenboom de achterstallige drie voer nog niet bijgewerkt, voor het overige geene aanmerkingen. Den Onder-Directeur last gegeven om te zorgen dat al het achterstallige in de volgende week worde bijgewerkt.
kol 2. Poelstra geen mest gemaakt, voor het overige geene aanmerkingen. De Adjunct Directeur neemt op zich om te zorgen, dat het achterstallige in de volgende week worde bijgewerkt.
kol 3. Geene aanmerkingen.

Art 3. Zijn ingekomen de maandelijksche opgaven van den staat des werks om en bij de huizen, welke bevonden zijn als volgt:
kol 1. Geene gebreken.
kol 2. Geene gebreken
kol 3. Het rapport van den wijkmeester de Nekker niet ingekomen.
Op de overige ingekomen: Jasper, Manenburg, Pelt, van Galen, Brans, Zwier, Jansen, Zwak, Schreuder en de Vries de greppen om het huis niet schoon. De kolonisten aangezegd het gebrekkige te herstellen.

Art 4. Zijn ingekomen de lijsten der afwezig geweest zijnde schoolkinderen van de vorige week en bevonden dat de ouders der schuldigen zijn beboet. Dezelven zullen aan den Adjunct Directeur van het Schoolonderwijs worden gezonden.
Die van deze week ingekomen, beoordeeld, en aan den Onder-Directeurs afgegeven ter beboeting.
Op die van de vorige week is ingehouden: Augustijn, A. Klijnman, Wed: de Koning, Kramer, Kinkelaar, Rusch en van Dinter ieder drie Nederlandse ponden brood.


Voor eensluidend afschrift
De Secretaris van den kleinen Raad
T: H: P: van Marle