Naar het overzicht
van de maandbladen



Aantekeningen bij het maandblad de Star in 1825

Voor het eerst een sombere toon in het jaarverslag, in het september-nummer. Zowel door het lot (overlijden Kemper en Van Hemert) als door de vele tegenwerking die de Maatschappij ondervindt. Daarbij wordt vooral gedoeld op de tegenstand van weeshuizen tegen opzending van kinderen naar Veenhuizen. Niet erg slim om tegelijk die weeshuizen te beledigen door uit te varen over de toestand waarin hun pupillen verkeren als ze aankomen. In datzelfde jaarverslag, maar bijvoorbeeld ook in het augustus-nummer.
Aantekeningen moeten nog opgenomen worden.

De Star, het nummer van JANUARI 1825

Geschiedkundig stuk over opperheerschappij der Engelsen in de IndiŽn

Voorslag tot beproeving der bijenteelt, in de KoloniŽn der Maatschappij

Overzicht landbouw in Nederland over 1823

Hora Siccama over bemesting

Bijzondere stalvoederingswijze der Belgen

pagina 58-59 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
nieuwe negociatie 600.000 gulden
gift van 520 gulden van Van der Muelen
Bolsward doet gedichten van Japiks ten gunste van Mij
afgelopen jaar veel doden in de Ommerschans
maar 'den ongezonden staat en de gewone leefwijze der bewoners van dat Etablissement, eer zij in hetzelve worden opgenomen'.
Geboren in de Ommerschans drie kinderen, gestorven 8 mensen. In Veenhuizen twee doden.

pagina 60-61 Bericht over de negociatie van 600.000 gulden.

pagina 64-71 Besluit plaatsing arbeidershuisgezinnen van 27 december 1824. 140 van de 200 voor subcommissies. 70 op basis van het ledental per 1 april 1824 en meteen, en 70 op basis van ledental per 1 april 1825 en komende zomer. voor elke 200 leden ťťn gezin. Bij minder dan 150 leden en nog niet meegedaan bij vorige plaatsing ťťn gezin; wel alles op voorwaarde van afrekening; ook ledenwinst telt mee;

pagina 71-75 Van Wolda over het schoolonderwijs
Een leuk verhaal over ondermeer de bij kolonisten opgewekte leeslust, welk verhaal is ondergebracht op de onderwijspagina's.


pagina 75-80 Memorie ter zelfverdediging door Schuurman
Eerst uiterst boeiend verhaal over Rausch.
Dan: een Ommerschans-verhaal, over koepokstof.
Tenslotte: hij is zo kwaad dat hij van de zorg voor de kolonien af wil!
Hij reageert op rapport Cie van Toevoorzigt dat in de Star 1824 11 blz 801 & 802 heeft gestaan.

De Star, het nummer van FEBRUARI 1825

pagina 81-96 Sepp over de Ommerschans
Er is sprake van een 'honorabel getuigschrift' bij het afscheid en volgens commissaris Sepp ook 'eene aanmaning om steeds, waar hij zich verder in de wereld moge bevinden, trouw en ijverig voort te gaan op den weg van deugd en goede zeden.'

Hoewel de commissaris nooit zelf bij een ontslag is geweest, kan hij zich levendig voorstellen hoe het er toegaat - 'dan wordt hem door alle geŽmployeerden het laatste vaarwel toegewenscht!' - en welke gevoelens er bij komen kijken. 'En niet zonder zigtbare aandoening verlaat alsdan de kolonist eene inrigting, waar hij, gedurende zijne tegenwoordigheid, alle menschelijke geregtigheid heeft ondervonden, en waar hij geheel belangeloos, door vreemde lieden, tot een braaf, ijverig, regtschapen en zelfs deugdzaam mensch, is hervormd geworden.'

over 1824 zijn er 134 ontslagen, tien anderen hebben verzocht nog ťťn winter in het Gesticht te mogen blijven. (...)

Nu heb ik nog niets gezegd van Veenhuizen, dat groote Weezen-instituut. Ook dit is bij uitnemendheid geschikt voor het oogmerk. Ik heb er honderden gezien, die, onder vrolijk gezang aan den veldarbeid waren, of, als daarvoor nog te jong, met den blos der gezondheid prijkende, te huis bleven, en, naar aard en wijze, zich opgeruimd vervrolijkten; terwijl zij, onder het oppertoevoorzigt van den waardigen Direkteur Poelman, door zijne onderhoorigen, met liefde en waarlijk teederhartigen zorg verpleegd werden, waarbij de WelEerwaardige Heerspink zijne gewigtige ambtsbezigheden ook met zegen blijft waarnemen. Men moest wel een steenen hart bezitten, indien, op den aanblik van zooveel goeds, aan het oog geene dankbare traan ontrolde, of geen dankbaar gevoel in ons binnenste oprees tot den Vader aller menschen, voor zůů veel heil, bij zůů veel nood!

pagina 97-109 Een artikel waarom het een goed idee is weeskinderen in Veenhuizen te plaatsen, onder de titel: "Is de overplaatsing van Weezen, Arme Kinderen en Vondelingen uit de bijzondere plaatselijke Gestichten en Godshuizen, in de Koloniale Etablissementen der Maatschappij van Weldadigheid, voor die Gestichten, of de plaatsen hunner vestiging, inderdaad nadeekig?"

De kinderen komen echter met zoo een tragen gang, dat op dezen oogenblik, en dus na een tijdsverloop van 12 ŗ 14 maanden, in het Eerste Etablissement niet meer dan 745 kinderen aanwezig zijn; terwijl het tweede en derde Gesticht, hoewel sedert 16 september en 3 november ll, mede ter bevolking gereed en disponibel gesteld, alsnog geheel ledig staan.

Deze langzame voldoening aan 's Konings vaderlijken wil in een zaak, die zo blijkbaar geheel de bedoeling heeft, om het nut der bijzondere Gemeenten, der kinderen zelve, en der Gestichten, welke daarmee bezwaard waren, allezins te bevorderen, heeft de verwondering van alle onpartijdige, belangelooze menschenvrienden gewisselijk moeten opwekken.

Men zou, de zaak zoo in den eersten opslag beziende, en indenkende, welke voordeelen het beraamde plan voor kinderen, Gemeenten en Godsgestichten aanbiedt, - gedacht hebben, dat elk bestuur van deze laatste zich zou hebben gehaast, om, zoodra mogelijk te deelen in de voorregten van een zoo weldadig ontwerp, en dat deze naijver de sterkste aanmoediging van den kant der onderscheidene regeringen zou hebben moeten vinden; en dit is dan ook, inderdaad, hier en daar, in kleinere plaatsen, het geval geweest.

Maar, verre van algemeen te zijn, heeft men van den kant van eenige voorname plaatsen en groote gestichten, eene zekere schoorvoeting opgemerkt, die bevreemding baarde, en geen ander denkbeeld heeft kunnen inboezemen, - daar men geene opzettelijke kwaadwilligheid onderstellen kan, - dan dat de achterlijke uitvoering van 's Konings wil in de zaak zelve bezwaren gevonden hebben, die hen tot de vervulling van dien pligt huiverig maakten, hetzij dan voor het belang der kinderen zelve, of voor de Gestichten, waarin zij tot dusverre waren opgekweekt, of ook, voor de Gemeenten der plaatsen, waar zich die Gestichten bevinden. -

Langsgelopen worden de tegenargumenten:
- voor de kinderen zelf: onzin, zie de ervaring...
- nadelig voor de gemeenten:
1) vermindering der bevolking
2) vermindering plaatselijke consumptie

pagina 110 vervolg en slot van Staat des landbouws in 1823

pagina 120 vervolg Hora Siccama. Met op pagina 133 een schema van 'Opvolging van veldvruchten' (vruchtafwisseling).

pagina 141 Staat der kolonien zuidelijke nederlanden

pagina 147 Mengelingen, waaronder Landbouwkundig Instituut in Holstein

pagina 154-160 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Requiem voor Van Hemert
Ds Amshoff krijgt voor de Ommerschans 100 bijbels en 400 traktaatjes van de Bijbel- en Traktaatgenootschappen. Voor het Instituut te Veenhuizen, aan Ds Heerspink, 100 Bijbels; en aan den Onderwijzer van Wolda, 100 Bijbels en 288 Traktaatjes.

Er is sprake van een noodlottige zamenloop van tegenspoeden, waardoor het aantal leden van de Mij achteruit blijft gaan.

De PK is innig begaan met het droevig lot van zoo vele duizende huisgezinnen, biedt Overijssel, Drenthe en Vriesland 30, 10 en 20 arbeidershuisgezinnen in Veenhuizen aan, Gelderland 15, Groningen 10, plus eerstgenoemde drie hebben een lijst gehad wat er aan kleding en dekking in de magazijnen van de Mij is. (verderop blijkt het te gaan om het zeewater, dat op den 4 en 5 dezer maand zoo vele landen in deze streken overstroomde...)

Te Ommerschans zijn er vele die blessures aan de beenen hebben, of ook andere uitwendige kwalen; ook enkele lijders aan borstziekten, doch weinige of geen koortsen.

Overleden in de Ommerschans 9

Te Veenhuizen zijn mede weinig zieken. Eenige kinderen hebben zeere handen of voeten. Onder de arbeiders-kinderen heerst de kinkhoest, doch in geen' ergen graad. Te Veenhuizen twee geboren, drie overleden.

Een der bevoorregten met eene grote hoeve te Ommerschans, beschuldigd zoo niet van dadelijke ontrouw, ten minste van verregaande negligencie, opzigtelijk de onder zijne bewaring gestelde rogge en andere goederen der Maatschappij, zal welligt, na onderzoeken bevind van zaken, naar de gewone KoloniŽn, zoo niet als arbeider naar Veenhuizen, moeten worden overgebragt.

Te Veenhuizen en Diever wordt thans sterk gewerkt.

De Star, het nummer van MAART 1825

Over den Mergel

Over Nederlandsch Genootschap tot zedelijke verbetering der gevangenen

vervolg Hora Siccama

staat van de zuidelijke maatschappij; Benjamin vd Bosch is blijkbaar vertrokken als directeur van de zuidelijke MvW!

Mengelingen

NB: Van het exemplaar op Delpher missen de laatste twaalf bladijden.

pagina 231 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Te Veenhuizen heeft kinkhoest gegrasseerd. Onder de weezen van dat etablissement, is het getal dergenen, die aan zeere handen en voeten, en andere uitwendige ongemakken laboreren, nog vermeerderd, zijnde zij overigens zeer gezond; terwijl eigenlijke ziekten, als koortsen, enz hier bijna onbekend zijn. Veenhuizen geboren 2, overleden 1

RK lidmaten Ommerschans

Bijschrift bij brieven Tholense jongeren.

De Star, het nummer van APRIL 1825

Iets over de gestichten der Maatschappij van Weldadigheid te Veenhuizen

over het Engelse koloniale stelsel

over de graanhandel

Vlaamsche landbouw

Pestalozzi

pagina 307 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Bij de Sub-Kommisfie van Amsterdam is dezer dagen ingekomen van eenen ongenoemden, edelmoedigen menfchcnvriend, eene gift van É 200: waarvoor aan denzelven bij dezen ruime eere en lof zij toegebragt! Te fchatbaarder is dit gefchenk in een tijdftip, waarin, bij gelegenheid van zoo groote en allerdringendiie behoeften, de nationale liefdadigheid zich als in een' breeden ftroom heeft uitgeftort. En in weerwil, dat er zoo verbazende fchatten gegeven zijn, en nog worden, wordt de Maatfchappij van Weldadigheid toch niet vergeten; ook voor haar blijven milde harten en handen geopend, die aan anderen een blinkend voorbeeld ter navolging geven.

Door den loffelijken ijver der Sub-KommisfŽn zijn, behalve hier en daar nog mindere getallen, te Nijmegen aangewonnen 53, en te Delft, 68 nieuwe Leden; hetgeen in dezen tijd waarlijk fterk is, en doet zien, wat de Sub-KommisfiŽn, indien zij zich daartoe eenige moeite geven, zelfs in een zoo ongunstig tijdftip, ter uitbreiding der Maatfchappij kunnen toebrengen.

Dezer dagen zijn wederom aangekomen te Veenhuizen, uit Zeeland 28, uit Den Haag 54, uit Leyden 30, en uit Rotterdam 20 kinderen; wordende er alle oogenblikken uit Amsterdam weder 230 verwacht.

Bij gunstig besluit des Konings is, ter opbouwing van eene genoegzaam ruime R. Katholijke Kerk en pastorij voor de Kolonisten van die Gezindheid in de Etablissementen te Veenhuizen, geakkordeerd eene toereikende som; zullende tot de aanbesteding en het bouwen derzelven als nu onverwijld worden overgegaan. - Een dergelijk verzoek mede aan Z. M. gedaan zijnde voor den opbouw van eene Protestantfche Kerk en pastorij, is er geen twijfel aan, of ook daarvoor zal door Z. M. eerlang eene konvenabele fom worden toegestaan.

--

De korte inhoud der Maandelijkfche Koloniale berigten van den Heer Direkteur is deze:
In de afgeloopene. maand hadden wij in de vrije KoloniŽn eenige zieken, van welke echter thans nog alleen gevaarlijk kunnen worden befchouwd: de Kolonist DE BRUIN in Kolonie N* 6, en het kind van LOMEIJER, in No 3. Nog lijden aan verzweringen of andere uitwendige ongemakken, de Kolonist VEGTERS, een zoon van BODRIE, een zoon van de Wed. JACOBS, in Kolonie 4, en andere, doch die minder belangrijk zijn.
Te Veenhuizen is de staat der gezondheid der Kolonisten en Weezen steeds allergunstigst. De uitwendige ongemakken aan handen en voeten der kinderen zijn ook veel verminderd. - Onder de in deze maand aangekomene kinderen uit de ProvinciŽn Zuid-Holland en Zeeland waren er eenige met uitwendige huidziekten; doch deze zullen door de goede verzorging van onzen bekwamen Geneesheer spoedig hersteld zijn.
(Ö)
Twee doden in Veenhuizen.
(...)
Plus overzichtje giften voor Noodlijdenden door den jongsten Watervloed.

De Star, het nummer van MEI 1825

geschiedkundig verhaal over de Republiek

ontdekkingen in het binnenste van Afrika

vervolg Vlaamse landbouw

Mengelingen

pagina 384 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Den 26 dezer maand heeft de openbare aanbesteding te Frederiksoord plaats gehad van den opbouw eener Roomsch-Katholijke Kerk en pastorij voor de etablissementen te Veenhuizen, zullende als nu met dien opbouw onverwijld begonnen, en al ras in de godsdienstige behoeften dier Kolonisten ten volle kunnen voorzien worden, na het benoemen van een daartoe afzonderlijk bestemd, Geestelijk persoon.

Onder het schrijven dezes vernemen wij, dat Zijne Majesteit bij Kabinetsbesluit van den 19 dezer, No 135, mede heeft geakkordeerd de gepetitioneerde som tot het bij aanbesteding opbouwen van eene Kerk en pastorij voor het Protestantsche gedeelte der Kolonisten te Veenhuizen en Norch.
Zoodat ook dit werk al spoedig den gewenschten voortgang zal kunnen hebben.
En zoo zal dan, daar reeds een Protestantsch Herder en Leeraar aldaar gevestigd en werkzaam is, voor al de belangen dier talrijke gemeente van beide gezindheden weldra behoorlijk gezorgd zijn.
(Ö)
Te Veenhuizen in het eerste etablissement zijn in het begin dezer maand meer kinderen dan gewoonlijk ziek geweest, doch zonder gevaar; en is het getal derzelve thans reeds weder verminderd. -
De van tijd tot tijd nieuw aankomenden, welke meest alle scabieus zijn, worden aanvankelijk in het tweede etablissement opgenomen, en na hunne volkomene herstelling in het eerste overgebragt. -
Een der nieuw aangekomene kinderen heeft kort na deszelfs aankomst de natuurlijke pokken gekregen; bij visitatie der huisgezinnen, welke mede sinds eenige weken in het Tweede Etablissement waren aangekomen, zijn gevonden 40 kinderen, welke niet gevaccineerd zijn, immers bij wie men geene sporen daarvan heeft kunnen ontdekken. Men heeft dadelijk maatregelen genomen, om in dit verzuim te voorzien.
Te Veenhuizen 2 geboren, drie overleden.
(Ö)
Te Veenhuizen en Ommerschans worden met de overkomplete handen tot den gewonen veldarbeid, steeds meerdere gronden aangemaakt, of dezelve mede tot het steken van turf geŽmployeerd.
Bij het toenemen der weiden is voor de Ommerschans, Veenhuizen en Wateren, in deze maand wederom een aanzienlijk getal koeijen en schapen aangekocht, alsmede de noodige paarden ter bebouwing van nieuwe gronden bij het Tweede en Derde Etablissement te Veenhuizen.
De bevolking der etablissementen te Veenhuizen gaat steeds voort, zijnde er dit jaar tot nog toe aangekomen 50 huisgezinnen en 500 kinderen.

De Star, het nummer van JUNI 1825

verder over de mergel

verder over de Vlaamse landbouw

Maatschappij in de zuidelijke nederlanden

rampen op het eind van 1824 en in het begin van 1825

Mengelingen

gedicht over Weldadigheid van een jeugdige dichteres

pagina 460 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Stukje hele stoere propagandataal. 'Opgevatte vooroordelen, die echter weldra voor de doorstralende kracht der waarheid zullen moeten wijken,' kosten de Maatschappij nog wel eens leden, maar zij gaat verbeten door en zal eenmaal haar doel bereiken: 'de herstelling en veredeling van den armenstand, en de uitroeiing der bedelarij in ons gezegend vaderland.'

Te Veenhuizen wonen dan 'ongeveer drie en twintig honderd zielen'.
'Onder de weezen, in het eerste Etablissement, zijn slechts enkele kinderen, welke nog zwak blijven, doch verre weg het grootste getal groeit zeer voorspoedig op, zoodat zij door de gunstige verandering van hun uiterlijk sedert hunne aankomst, bijna onkenbaar zijn geworden.'
(...)
'Ook voldoet het koolzaad op 15 morgens te Ommerschans, en eene proef daarvan op 3 of 4 morgens te Veenhuizen, uitmuntend; terwijl eene proef met 1 morgen hennep bij dat Etablissement niet gunstig schijnt uit te vallen, zoo min als het aldaar op 1 morgen gezaaide vlas.
Overigens staan de gewassen van rogge, aardappelen, haver, gras en klaver, grove tuinvruchten enz. te Veenhuizen meer dan goed, of beter dan op oude bebouwde gronden, in de nabijheid dier kolonie gelegen.
Op de bebouwde gronden is men thans bezig met wieden en hoogen der aardappelen; voorts  met klaver en gras maaijen en hooijen, met plaggen-steken tot bereiding van mest, enz.
De bebouwing van nieuwe gronden wordt bij de drie Etablissementen te Veenhuizen met kracht doorgezet; zoo dat wij hoopen in den aanstaanden herfst aldaar 300 morgen rogge meer te zaaijen, dan er thans te velde staan; behalve nog 100 morgens grasland, welke binnen kort zullen zijn aangelegd.
De veestapel vermeerdert nog dagelijks, zoo in de gewone KoloniŽn, als in de Etablissementen te Ommerschans en te Veenhuizen.
Met den opbouw der R.K. Kerk en Pastorij te Veenhuizen is een begin gemaakt, en wij hopen spoedig met de Protestansche te kunnen volgen. [Reeds is de daartoe gevorderde som door Z.M. den Koning goedgunstig toegestaan, en de aanbesteding van een en ander tegen den 28 dezer maand bij de nieuwspapieren aangekondigd.] - Behalve deze groote gebouwen zijn zes nieuwe boerenwoningen onder handen, die in korten tijd gereed zullen zijn.
Verder over Veenhuizen niet echt belangrijk.

De Star, het nummer van JULI 1825

pagina 465 Iets over de gestichten (vervolg van april-nummer)

Op welke grond zoude men nu met mogelijkheid ten aanzien van de Gestichten te Veenhuizen eene min gunstige gedachte kunnen voeden? Worden de kinderen derwaarts niet overgeplaatst als onder het oog eener Koning, dien ieder regt geaar Nederlander met dankbaar gevoel den beschermer der volksbeschaving, den hersteller der Nationalen godsdienstigheid moet noemen? Doch dat hier daadzaken spreken!

pagina 467 MOOIE OMSCHRIJVING VAN HET BINNEN HUN STAND HOUDEN VAN LEERLINGEN!

Het geheel is een soort van verdediging: de MvW doet WEL aan godsdienstige vorming, doet althans haar best.

De Star, het nummer van AUGUSTUS 1825

pagina 521 Waarom waren de stedelijke Godshuizen voor kinderen eertijds minder schadelijk en meer doelmatig, dan thans.
Mooi stuk.
(...)
Over de bevolking van Godshuizen:
Wat ziet gij? Een troep dwergen, sceletten, kwijnende wezens, misvormden, voorwerpen van het diepste medelijden.
(...)
De jeugd van tegenwoordig geneigd tot 'alles kwaads verleidend rinkelrooijnen langs de straten, dat nu alle brave menschen ergert'
(...)
Dat men een aanzienlijk getal kinderen van het mannelijk geslacht in het etablissement ziet aankomen in meisjes-kleederen.

pagina 591 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
12 augustus was jaarlijkse vergadering Commissie van Weldadigheid.

Ook te Veenhuizen in de onderscheidene Etablissementen zijn als gewoonlijk weinige zieken. In het begin dezer maand laboreerden eenige kinderen aan oog-ontsteking, doch het getal derzelve is reeds merkelijk verminderd. - De behandeling der uitwendige hoofdziekten, waarmede veele kinderen steeds aankomen, geschiedt met het beste gevolg; de meeste derzelven zijn reeds volkomen hersteld.
Veenhuizen-1 geboren 3, Veenhuizen-1 overleden 2.
(...)
de morgen vlas te Veenhuizen is bijna geheel mislukt.
(...)
en de ontginning te Veenhuizen als naar gewoonte met kracht voortgezet. Reeds zijn daar weder 80 morgens nieuw groenland aangelegd.

De Star, het nummer van SEPTEMBER 1825

pagina 597 Algemeen Verslag, gedaan op de Commissie van Weldadigheid van 12 augustus 1825.
Zeven achtereenvolgende jaren hebben wij Ul. mogen geluk wenschen met den toenemenden bloei van het stelsel van kolonisatie
(...)
in deze onze achtste zamenkomst tegenspoeden en verliezen te betreuren hebben, die de uitbreiding onze onderneming wezenlijk vertragen; dat wij wederwaardigheden ondervonden hebben, toe te schrijven, deels, aan het vooroordeel en de eigenbaat onzer tegenstrevers, deels aan de slagen van het lot -
waaronder dood van Kemper en Van Hemert.
Dan hoe grievend de nadeelen en verliezen, die wij geleden hebben, ook zijn mogen, hoe pijnlijk het gevoel van miskend, veroordeeld, in onze belangelooze pogingen weerstreefd te worden,  ook werkelijk is, mogen wij aan den anderen kant ons verheugen,
(Ö)
Waarom zouden wij dan Ul. aandacht vermoeijen met het zwart tafreel der tegenwerkingen, die wij hebben moeten ondervinden,
(...)
laten we naar de positieve dingen kijken. ... die weet dat de zedelijke grond bij den verwaarloosden mensch moeijelijker dan de dorste heide tot vruchtbaarheid te brengen is.

pagina 604 uitleg over strengere gedwongen winkelnering.
De Maatschappij heeft 'bij eenen Schaalhouder, door de Kolonisten zelve in iedere Kolonie Benoemd, monsters, gewigten en maten doen deponeren, waar ieder kolonist zijne waren kan doen onderzoeken, en nameten en wegen;

(...)
In onze stichtingen wordt het gebrek niet geduld, er is niemand , wien het aan voedsel, kleeding en andere noodwendigheden mangelt. Het meerdere genot echter is alleen den arbeidzamen voorbehouden.
In de commissie van toevoorzicht van verleden jaar zat iemand te voren ten sterkste tegen onze inrigtingen vooringenomen.
De groote hoevenaars zijn er nog beter aan toe. Zij hebben koeien, paarden, schapen waarvan zij eene billijke rente in boter en wol betalen, en het overschot zelve genieten, ongerekend vijf gulden wekelijks, die hun als opzieners over de gronden der Maatschappij worden uitbetaald.

pagina 608 In het eerste instituut te Veenhuizen zijn thans 1260 kinderen geplaatst.
De toestand dier kinderen bij hunne aankomst, was opmerkelijk. Zoo wij daarvan uitzonderen de Weezen uit Kampen, die van het Roomsch-Katholijke Weeshuis te 's Hage, en bijna alle Weezen, uit Zeeland en Vriesland aangekomen, op wier physieke en zedelijke ontwikkeling niets valt aan te merken, hebben wij bijna alle andere in een' deerniswekkende toestand ontvangen.
Onder honderdtallen werd naauwelijks ťťn eenige aangetroffen, niet door huid- en hoofdziekten als verteerd.
Hunne, naarmate hunner jaren, ongeloofelijk kleine gestalte en zwakke ledematen, deden maar al te zeer zien het lot, dat die ongelukkigen, waren zij niet aan hunne ellende onttrokken, in de toekomst verbeidde; en wat is thans de toestand dezer kinderen?
Welke invloed heeft de vrije lucht, ruime en krachtige voeding, gematigde arbeid, gepaste kleding en behandeling op hen gehad?
Ziet daar zoo vele vragen, welke wij gevoelen te moeten beantwoorden.
Men kome, werpe het oog op deze kinderen, en onderzoeke plaatselijk hunne toestand! Eene blozende kleur heeft het akelige geel op hun gelaat vervangen.
Huid- en hoofdziekten zijn verdwenen; en in dit opzigt zijn wij onzen dank verschuldigd aan den ijver, waarmede de Geneeskundige hulp, door den bekwamen plattelands heelmeester SMIT, enzv
(...)
Verbazend is de groei der meesten, sedert hunne genezing. Vele hebben zes duimen in lengte en naar evenredigheid in gevleeschdheid toegenomen. En dit is het resultaat van een ťťnjarig verblijf in onze stichtingen. Terwijl het getal der gestorvenen in dat tijdsverloop niet meer dan 2 meisjes en 3 jongens bedragen heeft.
Verder meer leuks, ook over geslachtsdrift en liever doodvermoeid van het werk in slaap vallen
(...)
De kinderen zijn gehuisvest in zalen, ieder derzelve is met 80 hoofden bevolkt, van dezelfde sekse, en zoo na mogelijk van gelijke jaren. Enzv, heel interessant.

pagina 617 Arbeidershuisgezinnen

pagina 619 de bedelaars.
Het getal derzelven bedraagt thans 1211 hoofden, terwijl alles in gereedheid is, om er nog 1500 te kunnen vestigen.
(...)
ballasten, dikwijls pesten voor de Maatschappij.
Ongeloofelijk is de zedelijke verbastering, tot welke deze menschen afdalen, en de zorg en vlijt, in onze instituten noodig om de uitwerkingen daarvan te voorkomen; groot is de vordering, gemaakt ter hunner verbetering, inzonderheid bij de kinderen.
Wij mogen het onszelve echter geenszins ontveinzen, dat nog veel meer te doen overblijft, alvorens deze menschen worden, wat zij behooren te zijn.

pagina 620 Voor nog vijf duizend andere menschen is reeds wederom plaats bereid, en wij zien reikhalzend hunne aankomst tegemoet.

pagina 621 Weer algemeen:
Het is het bestendig doel onzer streving, iedere kolonie zooveel mogelijk te doen opleveren alles, wat tot het bestaan derzelve noodig is, en dit is thans van te meer belang, daar de prijzen van de produkten des landbouws gering zijnde, voor eenige artikelen zelfs geen markt gevonden kan worden.
Zonder zoodanige voorzorg, om alle benoodigdheden zoo veel mogelijk zelf voort te brengen, zou er een bestendige uitgave in geld gevorderd worden.
Reeds in het afgeloopen jaar hebben de KoloniŽn No. 1, 2, 3 , 4, 5, 6 en 7 alles opgeleverd , wat tot levensonderhoud van derzelver bewoners gevorderd werd. Een gedeelte echter der grondstoffen, voor kleeding en winkelwaren, heeft betaald moeten worden met de gelden, voor arbeidsloon genoten in de nieuwe ontginningen der Maatschappij.
Thans echter heeft de landbouw nieuwe uitbreiding in deze KoloniŽn bekomen, en hierdoor is ťťn hulpmiddel minder noodzakelijk geworden, t. w. arbeid buiten de KoloniŽn, - een hulpmiddel, dat ťťnmaal, zoo het stelsel van kolonisatie niet verder uitgebreid wordt, moet vervallen, weshalve het noodig is in tijds maatregelen te nemen, die hetzelve kunnen doen ontberen.
Volgens het jongste onderzoek is het gebleken, dat de behoeften voor de genoemde KoloniŽn, en dus met uitzondering van de Ommerschans of No. 5, en de stichtingen te Veenhuizen, geschat kunnen worden als volgt:

volgt berekening met rogge, aardappelen, 'winkelwaren, gerookt spek daaronder begrepen', enzv, tukje overgeslagen

pagina 623 De opgegeven opbrengst, die zeer matig gekalkuleerd Is, doet derhalve genoegzaam zien, dat de KoloniŽn reeds alles opleveren, wat tot het bestaan derzelve gevorderd wordt; en dat wel in een' tijd, dat de lage markt der produkten allerwegen voor landbouwende Etablissementen bezwaren oplevert.
Onze stichtingen echter lijden hiervan minder, juist daarom, omdat wij ons er op hebben toegelegd, en meer en meer op toeleggen, om alles zoo. veel mogelijk zelve voort te brengen, wat tot onderhoud gevorderd wordt. Hierdoor zijn de geldelijke uitgaven zeer bepaald geworden, dat te beter heeft kunnen geschieden, daar volgens geslotene kontrakten met leveranciers de benoodigdheden aan winkelwaren in produkten, met uitzondering van aardappelen, of in -geld, naar verkiezing der Permanente Kommissie, betaalbaar zijn.
Ten gevolge van dezen staat van zaken hebben alle uitgaven in geld in de KoloniŽn kunnen worden afgeschaft, met uitzondering van de betaling der geŽmploijeerden.
Alle arbeid wordt met blikken of papieren munt betaald, gangbaar in de winkels der KoloniŽn.
De voordeelen, door dezen maatregel verkregen, zijn van belang.
Vooreerst worden jaarlijks uit de kontributiŽn 30 a 40 nieuwe huisgezinnen gevestigd, aan welke het niet altijd gemakkelijk valt, het jenever drinken zoo spoedig af te leeren, als zulks wel te wenschen ware, en dit misbruik wordt langs dezen weg gestuit; in de tweede plaats, wordt hierdoor de snoeplust van eenige vrouwen genoegzaam bepaald, om te beletten, dat zij het welzijn harer familiŽn niet aan hare verkwistingen opofferen; ten derde verkrijgen de Kolonisten al het benoodigde tot veel minder prijzen; en ten vierde wordt hierdoor de verzilvering van eene mindere hoeveelheid produkten noodzakelijk, en is de gelegenheid hiertoe door den voet en wijze, waarop de kontrakten gesloten zijn, tevens verzekerd.
Het benoodigde behoort de Kolonist te bezitten; tot hoe minder prijzen hij dit bekomen kan, des te minder zijn de uitgaven, en dus ook de hoeveelheid van produkten, die daarvoor in ruiling moeten gegeven worden.
Deze maatregel voldoet dan ook volkomen aan het oogmerk en is allen Kolonisten, die geene bijzondere liefhebbers van aterken drank of verkwisting waren, welgevallig geweest.

Volgen ingewikkelde berekeningenover de behoeften aan de Ommerschans.

Tot opheldering dezer rekening moeten wij herinneren dat de groote hoevenaars aan de Ommerschans, van de koeijen, welke op hunne hoeve gehouden worden, aan de Maatschappij betalen wekelijks 1Ĺ pond boter en een' emmer karnemelk, van welke laatste, met een bijvoegsel van aardappelen en roggemeel, de varkens gemest worden.
De hoeveelheid grond, aldaar tot kultuur gebragt, is als volgt:
251Ĺ morgens klaver
15 morgens koolzaad
185Ĺ morgens rogge
196 morgens aardappelen
10Ĺ morgens vlas
5 morgens tuingroenten
100 morgens boekweit
100 morgens schapen-weide
Totaal 863Ĺ morgens
Dit is MEER ontgonnen grond dan in later jaren, dus deze gegevens zijn leugenachtig!

pagina 628 Wij hebben 400 menschen uit de Ommerschans naar het tweede Instituut te Veenhuizen doen transporteren, teneinde de kultuur der gronden aldaar te bespoedigen,
Dit keer geen lovende of anderzins berichten over het personeel.

Volgt het financieel verslag.

pagina 668 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Bij een (ander) Kabinets besluit van 20 September ll, No 46, heeft Z.K.M. verordend, dat een afzonderlijk Pastoor zal worden aangesteld voor de R.K. kinderen en Kolonisten in de etablissementen te Veenhuizen, op een jaarlijksch traktement van f 600:-
Zoo dat, daar de beide Kerken en Pastorijen reeds verre gevorderd zijn, en eerlang ook voor de R. Katholijken aldaar gelegenheid zal zijn, om het volle genot van godsdienstig onderwijs en kerkelijke bediening te hebben.
(...)
de bij de Gestichten te Veenhuizen bestaan hebbende oogontsteking is bijna geheel geweken,
Veenhuizen-1 2 geboren, 4 gestorven, Veenhuizen-2 2 geboren, 1 gestorven.

De Star, het nummer van OKTOBER 1825

Inhoud en aankondiging bijlages bij het algemeen verslag:

pagina 676 Bijlage ds Jentink uit Steenwijkerwold

pagina 681 Bijlage pastioor Schriever uit Steenwijkerwold

pagina 684 Kapelaan Van Munster

pagina 686 Prijskourant winkelwaren

pagina 688 Bijlage: Verslag JH van Wolda
De lees- en schrijfkunst, de reken- en Aardrijkskunde en Geschiedenis, de twee laatsten slechts ten opzichte van het Vaderland, maakten voorname onderwerpen van het onderwijs uir, en werden geenszins wetenschappelijk, maar veeleer naar de behoeften der leerlingen behandeld, terwijl derzelver naatschappelijke bestemming, verschillende aanleg en vatbaarheid zorgvuldig in het oog werden gehouden.

Frederiksoord en omgeving hebben een probleempje omdat ds Heerspink naar Veenhuizen is gegaan.

Te Veenhuizen, 1ste Etablissement, waar omstreeks 1200 weezen, vondelingen en verlatene kinderen, benevens ruim 200 kinderen van buiten wonende Kolonisten, in vier schooltijden, onderwijs ontvangen, is alles vooral niet minder doelmatig, dan in de overige Kolonien ingerigt.
De even kundige als brave H.A. Zwarts, wien de ijverige J.H.Geraets, als tweede, en de veelbelovende Johannes Emanuel als derde onderwijzer is toegevoegd, spaart geene moeite, om met alle krachten,  het schoone doel der Maatschappij in zijnen gewigtigen werkkring te bevorderen, en heeft het genoegen, om zijne pogingen, ter verwezenlijking van de denkbeelden van mijnen edelen viend, den Predikant Heerspink, welke ook zijne bestendige vriend is, met de beste uitkomst bekroond te zien.
Plus dankwoordje aan Johannes.

pagina 699 Staat krediet wezen Veenhuizen.

pagina 700 Bijlage: Protestanten in Veenhuizen door Heerspink
Nog geen jaar geleden is hij overgegaan van kol 1, 2, 4 en 7 naar Veenhuizen. Als had hij vanaf het begin in februari 1824 wekelijks ernaartie gereisd. Sinds 1 augustus 1824 is hij over.
... heb ik op dien dag (1 augustus 1824), na van wege het Klassikaal Bestuur van Assen plegtig geinstalleerd te zijn, mijnen post aanvaard met eene eenvoudige rede: over de zorg voor kleinen en geringen. (Johannes is er ook bij)
In eene der ruime zalen
(...)
twee diensten per dag en enige uitleg over zijn aanpak.
Na de komst van de bedelaars gaat hij van 2 naar 1 dienst per zondag.
Daarnaast Katechisatien.
Op pagina 705 weer een helder verhaal over zijn aanpak.
(...)
mijne nieuwe Gemeente, welke zeker zonderlinger dan eenige andere ten plattelande is zamengesteld...
Hij heeft een kerkeraad samengesteld, en diakenen

pagina 712 Bijlage: Verslag van Wateren door instituteur Mulder
Ook al zo'n verhaal over de ontwikkeling van de jeugd dat versluierd is en daardoor af en toe lastig te begrijpen.

pagina 717 Bijlage: Protestanten Ommerschans

pagina 722 Bijlage: Katholieken Ommerschans

pagina 745 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Uitlotingen.
Door bemiddeling van Ameshoff 170 evangelische gezangboeken naar ds Jentink.
Veenhuizen-1 2 geboren, 1 overleden, Veenhuizen-2 1 geboren.

De Star, het nummer van NOVEMBER 1825

pagina 819-824 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Tweede geadjouneerde vergadering Commissie van Weldadigheid met wat in augustus is blijven liggen. In plaats van overleden leden Kemper en Van Hemert zijn Pallandt van Keppel (1e adsessor) en J. Sluiter (secretaris en lid pc) aangetreden.
Enkele nieuwe honoraire leden, en tot korresponderend lid C. Sepp, kommissaris van Policie, te Amsterdam. Daarna de tweede vergadering van de CvT, verslag volgende nummer.
Twee kolonisten die goederen verkocht hebben zullen voor de raad van policie komen.
Aardappelrooien afgelopen. Winterkoorn in de grond, behale Ommerschans, plus wat ze doen aan plaggen steken enzv
Oprichting bijschool in kolonie 7.

De Star, het nummer van DECEMBER 1825

pagina 825 Verslag Cie van Toevoorzigt.
Verslag inspectiereis door J. Sluiter en Van Hoorn van Burgh (die komt later, 1840, in de permanente commissie, zie inventaris archief waarin hij een gedeponeerd archief heeft).
Eind augustus vertrokken, in Frederiksoord opgewacht door Johannes & Jeremias. Tsjonge, wat is Sluiter enthousiast! Bij klagers schuilt de kwaal in hun hart.

pagina 830 kolonie 7 staat leeg!
Bedroevend was ons het gezigt der 7de kolonie.
(...)

Als de jeugd het eenmaal overgenomen heeft, zijn er alleen nog eersteklas landbouwers.
Beschrijving van Van Wolda, groots!

pagina 834 over Wateren, ook met gymnastische oefeningen en spelen ter bevordering van ligchaams vlugheid en versterking der krachen.

pagina 835 Ommerschans.
Bij onze komst vonden wij de Bedelaars op de akkers onledig met het rooijen van aardappelen, alle in van elkander afgezonderde troepen geplaatst, onder het behoorlijk opzigt van daartoe gestelde personen, uit den bedelaars-hoop genomen, maar die zich door goed gedrag deze onderscheiding hadden waardig gemaakt.

Blijkbaar komen ze twee soorten schansbewoners tegen:
īsommigen hoorden wij op den ouden bedelaarstoon en morrend over alles even zeer klagen, maar amderem hun in het aangezigt met drift wederspreken en berispen, ons waarschuwende van het oor niet te leenen aan klagers, die wij voor ons hadden, hun luiaards noemende, die het verdienden, dat zij verhongerden en zich zelven aanvoerende als bewijzen, dat men het ook in de Ommerschans zoo kwaad niet had, indien men slechts, gelijk zij spraken, onder het oog hield, dat oppassen en werken de boodschap was.

Plus bedelaars komen hun 'met weemoed en verdriet' vragen wanneer zij nu weg mogen. Wij hebben ons dan helaas! moeten vergenoegen met het ophalen der schouders en het voeden der hope, dat hun weldra, wat zij regelmatig wenschten, gebeuren zou, hen heimelijk in ons hart beklagende, over het derven van de gelegenheid, die hun in den verlopen zomertijd schoon zou hebben opengestaan, om goede verdiensten te maken, en daardoor meer onbezorgd dan thans, den meestal werkeloozen wintertijd te gemoet te gaan.'

Er zijn er dus bij in wie de menschheid te laag beneden het peil gedaald en wier kracht al te zeer ontzenuwd scheen, om te mogen hopen, dat er iets goeds en bruikbaars van worden zal; wij hebben er aangetroffen, die door de overige bedelaars zelven beschouwd en behandeld worden, als het uitwerpsel uit hun midden, zoodat ze met deze zelve niet verkozen te werken of te spijzen;
(...)
menschen die aan zich zelven ontzonken waren, aan zich zelven terug te geven.
De uit de bedelaars-hoop gehaalde veldwachters hebben met hun gezin bekwaam gebouwde en welingerichte veldhutten tot hun beschikking.
van de 20 hoeves zijn er 18 klaar

Op pagina 839 begint Veenhuizen.

pagina 896 Berigten wegens den staat der Maatschappij, en uit de koloniŽn.
Maatschappij tot Nut van t Algemeen heeft boeken gezonden.
Kollekte te Amsterdam
Twee jonge kolonisten beschuldigd van wanzedelijk gedrag naar de Ommerschans (Snoek en Grollee)
Veel bedelaars aangekomen, waaronder een transport van 100 uit Veere.
Plus lijst met boekjes die het Nut heeft geschonken en de begeleidende brief erbij.