Naar het overzicht
van de MUNT-pagina's





De geldstromen van koloniale munt en gewoon geld (Rijksmunt, 'zilver') bij de algemene directie, het Instituut te Wateren en de katoenspinnerij

Vanaf 1831 moeten de diverse kasboeken in de koloniŽn worden opgesplitst in koloniale munt en gewoon geld. Van die 'kassa en koloniale muntrekeningen' zijn een aantal bewaard gebleven, zie op deze pagina.
Hieronder hoe de geldstromen lopen bij het Instituut voor Landbouwkundige Opvoeding te Wateren, bij de naast het derde gesticht te Veenhuizen gevestigde stoomkatoenspinnerij en bij de algemene directie der koloniŽn. Eerst de laatste,

DE ALGEMENE DIRECTIE

De directie bestaat uit directeur Jan van Konijnenburg, zijn boekhouder Perizonius van Marle (die de onderstaande kasboeken ook bijhoudt), plus wisselende mensen die schrijf- en kopieerwerk doen, of als koerier dingen wegbrengen en ophalen of die boekhoudkundige hulp verlenen.
Van de algemene directie zijn de volgende extracten uit de kasboeken bewaard gebleven:

december 1837 invnr 191 de scans 133-136
1 t/m 5 januari 1838 invnr 191 de scans 137-139
december 1838 invnr 204 scan 205-209
1-22 januari 1840 invnr 223 scans 254-256
februari 1841 invnr 240 scans 812-815
 januari 1842 invnr 256 scan 826

DECEMBER 1837 & 1 t/m 5 JANUARI 1838

H


Uitzoeken nog welk jaar dit is: Dit bestaat bijna geheel uit gewoon geld. Hij ontvangt wel een klein bedrag aan koloniale munt (É 26,05) van de adjunct-directeur van de gewone koloniŽn, maar geeft dat meteen weer terug. Hij heeft dus nauwelijks met koloniale munt te maken en dat verklaart waarom de directeur in 1827 niet eens wist wat er daarvan in omloop is (zie bij deze kleine raad).
De directeur ontvangt gewoon geld van de permanente commissie en verspreidt dat over de koloniŽn. Daarnaast heeft hij kleine kosten voor de salarissen van de geŽmployeerden bij de algemene directie, 'ordenants naar Steenwijk', oppassen der paarden, scheepsvracht, opzicht te Steenwijk (op het laden en lossen van schepen), expresse en wagenvracht.

1842:
De directeur heeft dus niet veel met koloniale munt te maken. Zijn kas bestaat voor 99% uit gewoon geld. Januari 1842 heeft hij 13834 gewoon geld en 132 koloniale munt. Van het gewone geld gaat 61 gulden naar buiten de kolonie.


HET INSTITUUT TE WATEREN

Het kasboek van het Instituut wordt bijgehouden door de instituteur, Jan Hessels van Wolda. Er zijn drie extracten van het instituut bewaard gebleven:

december 1838 invnr 204 scans 20-22
januari 1840 invnr 223 scans 230-231
 januari 1842 invnr 256 scans 798-799

DECEMBER 1838

O

1840 en 1842?

● Hij ontvangt cash geld van de directeur der koloniŽn en koloniale munt van de onderdirecteur van kolonie 2.

● Hij betaalt de kolonisten hunne verdiensten in koloniale munt (er wonen een paar kolonistengezinnen in Wateren). Verder doet hij alles in gewone Rijksmunt:

▪ de kwekelingen 1/3de van hun oververdienste (en soms een voorschot op hun oververdienste)

▪ aan D.F. Arpeau (= Daniel Frederik Arpo, een kwekeling) in mindering zijner spaarrekening
▪ aan J. Pilippes (= Gerhardus Adrianus Pilippes, een kwekeling) reiskosten naar Veenhuizen
▪ de ambtenaren hun salarissen
▪ aan J. Seinen(?) belasting op het turfgraven, accijns op het gemaal en belasting op het slagten eener koe
▪ aan A. Hendrikse (= de onderdirecteur voor den landbouw) uitschotten bij het slagten
▪ aan Nederburg, Nering, BŲgel en comp. (!) de ene keer voor een kagchel en de andere keer voor 'leveringen'
▪ aan W. Sissing voor vracht
▪ aan J. Oomkens voor boekjes
▪ aan O. Spanjaard voor papier
▪ aan C.H. Andre voor ruiten en stopverw
▪ diverse leveranciers die niet-gespecificeerde leveringen doen: R. Spijkervet, L.P. Hadhuizen(?), P.K. Groenewoud, J. Mulder
▪ L. Biemans (= de kolonist die de expresse op Steenwijk verzorgt) briefporto.

De Instituteur te Wateren heeft in januari 1842 155 gulden gewoon geld en 33 gulden koloniale munt, grofweg 5 staat tot 1. ((Tervergelijking: in 1840 heeft hij 387 gewoon en 58 koloniaal = grofweg 6 staat tot 1.)).Van het gewone geld gaat 95 gulden naar buiten de kolonie

DE STOOMKATOENSPINNERIJ

Van de stoomkatoenspinnerij is slechts ťťn extract van een kasboek bewaard gebleven, dat van januari 1842, invnr 256 scan 816. Daarop staat 553 gewoon en 344 koloniale munt.Van het gewone geld gaat 16 gulden naar buiten de kolonie.