Naar het overzicht
van stukken over de proefkolonie





De familie Houtman in de archieven van de Maatschappij van Weldadigheid, voor zover ik er weet van heb

Zij horen tot de gezinnen die in de kazerne in Amsterdam worden opgevangen, zie de illustratie boek bladzij 32

13 november 1818: Melding vertrek van het gezin in de Staatscourant.

Uit een brief van Benjamin dd 31 december 1818:
Zo even ontving ik van de subcommissie van Harderwijk het onaagenaame berigt dat Dirk Houtman, een onzer kolonisten met de kerstdage voor eenige dagen verlof hebbende, ten einde zijne oude zieke moeder te Vlaardingen te gaan zien in genoemde plaats den schouder heeft uit elkander gevallen, en door de subcommissie van alles behoorlijk voorzien genezen wordt.
Den doctor van genoemde plaats: een mijner ouden kennissen informeerd mij tevens het gebeurde, en bij voegende dat genoemde Houtman spoedig in staat zal zijn de terug reis aanteneemen. Het waare mischien raadzaam hem door een onzer wagens te doen afhalen.

Uit een brief van Benjamin dd 17 januari 1819:
Ik heb, meen ik, verzuimd aan den Kommissie te informeren, dat () en Houtman die de schouder gebroken had zedert eenige dagen terug zijn. Doctor Schuurman vreesde dat Houtman misschien het gebruik van den arm zou verliezen, dat zou eene fatale historie zijn.

Uit een brief van Benjamin dd 12 februari 1819: Hoe danig moet ik mij gedragen ten aanzien van die huisgezinnen, welk door ziekte buiten staat zijn hunne grond te bewerken. Als (), () en Houtman?

Uit de Star van juni 1819: De Kruijff en Houtman zijn volkomen hersteld

Bij de liefde giften op 3 februari 1820 voor slachtoffers van de watersnood staat Houtman wel vermeld als donateur, maar zonder gift.


Bij het beoordelingsrapport door de directie op 29 juni 1820 wordt over het gezin gezegd: 'Man en vrouw geheel onoppassend'.



Uit een brief van Benjamin dd 5 januari 1821:
Uit mijne verantwoording over deze maand zal de Kommissie zien, dat de meesten hunne landhuur gehele en andere gedeeltelijk hebben voldaan, en dat het hooi voor de koeijen door hen zelf betaald is.
Biemans en Houtman maken daarop eene uitzondering en hunner toestand is aller ellendigst.
Luiheid en verregaande slordigheid zijn daar van oorzaak en geven geen hoop meer op beterschap.
Niettegenstaande zij nog aanzienlijke betalingen op hunne kleeding te doen hebben, zijn deze schulden nog veel verhoogd geworden, dewijl de beide huisgezinnen bijna naakt waren en door de strenge koude zouden hebben moeten bezwijken.
Ter menagering van kosten heb ik na taxatie hen zo veel doenlijk, oude kleeding stukken gegeven.

Gezinsuitbreiding in juli 1821 Vledder, geboorteakte, 2 juli 1821, aktenr. 20
Kind: Lena Katrina Houtman, geboren te Frederiksoord (Vledder) op 02-07-1821, dochter van Dirk Houtman, beroep: arbeider; oud: 48 jaren, en Lena Johanna van Dam, oud: 38 jaren.

Uit de Star van december 1821 als de Houtmannen naar de strafkolonie zijn gestuurd: Het goed gedrag, over het geheel, der kolonisten duurt voort. Nogthans zijn twee gezinnen uit kolonie no. 1, en twee uit kolonie no. 3, bij vonnis van den Raad van Policie, naar de Ommerschans verzonden, uit hoofde zij, bij een toereikend getal van handen, om te kunnen arbeiden, de aan hen verstrekte voeding niet verdienden.

Volgens het stamboek van de strafkolonie Ommerschans komt het gezin Houtman daar op 16 december 1821 aan. Over de omstandigheden daar:

Uit een brief van Wouter Visser dd 26 januari 1822: De Heer Fenner hadt met mijn voorkennis de kinderen, waar onder zelfs volwassen dogters uit enkelde huisgezinnen, zoals dat van Houtman, Peen en andere gesepareert en onder opzicht en verzorging van vrouw Bosma, van Wymbritseradeel gestelt,

Na een kleine drie gevangenschap wordt het gezin vrijgelaten