Naar het overzicht
van stukken over de proefkolonie





Catharina Jans Glas weduwe Richmond en familie in de archieven van de Maatschappij van Weldadigheid, voor zover ik er weet van heb



Uit een brief van Benjamin van den Bosch aan de pc dd 2 december 1818:
   Ik heb de eer aan de Permanen te Kommissie te informeren dat de kolonie zedert mijne laatsen met nog 2 huisgezin nen vermeerdert is
:   (…)
    Vlissingen: de weduwe Cath. Ricmond,
     een jongen van 22 jaar (ingedeelt),
     een jongen van 18 jaar (ingedeelt),
     een jongen van 9 jaar,
     een jongen van 4 jaar,
     een meisje van 16 jaar,
     een meisje van 4 jaar.
Totaal 7 personen

Het voor de reis meegegeven geld komt even ter sprake op de pagina transportkosten: http://www.schackmann.nl/proefkolonie/Archief/Transport.html.

Uit een brief van Benjamin dd 10 januari 1819:
    De weduwe Ricmont verzoekt de toestemming der Permanente Kommissie, tot een huwelijk met de oudste, bij haar ingedeelde jongen van 22 jaar, beide zijn van een goed gedrag. Het indeelen van kinderen zal, naar ‘t mij toeschijnt, niet aan de verwagting beantwoorden.

Uit de notulen van de pc dd 13 januari 1819: Besloten (…) toetestemmen aan de weduwe Rikmond om te trouwen mits stigtelijk involgende de daar toe vereischte wetten en formaliteiten.

Bij de beloningen voor kolonisten op 23 augustus 1819 krijgt 'kolonist Rikmond' vijf gulden voor de hulp bij het bestrijden van een veenbrand.


Bij de ‘liefde giften‘ op 3 februari 1820 voor slachtoffers van de watersnood staat de weduwe Richmond ook vermeld als donateur.

Zie voor beoordelingsrapport door de directie juni 1820 en de jaarinkomen over 1820 de desbetreffende files.

Uit een brief van Benjamin dd 6 maart 1820:
      Ook de weduwe Richmont heeft nog steeds de benodigde papieren niet kunnen bekomen. Ik heb mij daar aan, mede ernstig laten gelegen liggen, dewijl niet tegenstaande haar ontkenning, de gevolgen mij niet veel goeds doen verwachten.

Uit een brief van Benjamin dd 6 mei 1820:
     De weduwe Ricmont heeft nog haar huwelijk, uit hoofde zij aan alle de formules niet heeft kunnen voldoen, niet voltrok ken. Thans wordt verlangd zij alvorens voogden over hare kinderen zal doen benoemen.

Uit een brief van Benjamin dd 22 mei 1820:
    Ik heb aan de Kommissie ingezonden de opgaaf der benodigde stukken voor de voltrekking van het huwelijk van (…) Willem Perijn met de vrouw Ricmont.(…) Bij de laatste mankeerd voornamelijk de doodacte van haar man, in vreemde dienst gesneuveld. Waarin daarin niet spoedig kan worden voorzien, vrees ik zeer voor de verkeerde gevolgen.

Uit een brief van Benjamin dd 1 juni 1820:
     Voor eenige tijd heb ik een brief van den 2 assessor ontvangen uit S’Hage, met verzoek aan de Permanente Kommissie opgave te doen van de benodigde stukken tot de voltrekking van t huwelijk des weduwe Ricmonts.
    Ik heb daar aan voldaan en daar de omstandigheden zulks spoedig noodzakelijk maken, achte ik mij verplicht de Kommissie daar aan te herinneren.
    Ik heb gemeend dit hier te moeten herhalen, dewijl de Kommissie in antwoord informeert “dat de zaak van het huwelijk der weduwe Ricmont zich de Kommissie niet kan inlaten en den Directeur zal gevoelen de Permanente Kommis sie zich niet kompromitteren kan.”

Benjamin heeft gelijk dat er haast geboden is.
Vledder, geboorteakte, 8 augustus 1820, aktenr. 20
Kind: Suzanna Adriana Pereijn, geboren te Frederiksoord (Vledder) op 06-08-1820, dochter van Willem Pereijn, beroep: arbeider; oud: 24 jaren, en Katrina Glas, oud: 37 jaren.


Bij het beoordelingsrapport door de directie op 29 juni 1820 wordt over het gezin gezegd 'Vrij goed oppassend, maar geen goed zedelijk gedrag.'


Uit de Star van juli 1822:
     Tegenwoordig is, in de eerste kolonie, de huishouding van ritmond nog ziek; die van tymens, arends en gerards, zijn bijna alle herstellende. Thans zijn de laatst ziekgewordene in een minder hevigen graad aangegrepen, dan bij de voorgaanden, in het laatst der verloopene en in het begin van deze maand, plaats had.

Dokter Schuurman in de Star van augustus 1822:
    In mijne voorgaande berigten omtrent den staat der zieken in de eerste en tweede koloniën te Frederiks-oord den 16den junij ingezonden, heb ik de huishoudingen opgenoemd van ritmond, tymens, arends en gerrards, waarin destijds nog eenige zieken waren, hoewel bijna allen herstellende; deze zijn dan ook allen reeds hersteld, en tot hunne werkzaamheden teruggekeerd, behalve twee dochters van gerrards, die hare krachten niet volkomen herkregen hebben, doch ook, naar alle vermoeden, spoedig volkomen hersteld zullen zijn.
    Thans zijn de gegrasseerd hebbende koortsen van de vorige maanden geheel opgehouden.


In het op 19 februari 1823 gedateerde schoolrapport over 1822 worden genoemd als hebbende uitgemunt in gedrag en vorderingen: Jan Jozef en Mietje Rikmond.


Uit een brief van Wouter Visser dd 5 juni 1823:
    Een staat van personen voor wien ontslag uit de kolonien wordt verzogt, omtrend de dogter van den kolonist Nieuwenhoven en Cornelia Strik diend de Permanente Kommissie tot informatie, dat het zeer te vreezen is, zij zich aan verregaande zedeloosheid hebben schuldig gemaakt, zelfs is dit bij de laatstgenoemde niet zeer twijfelachtig; het is om deeze redenen dat ik de Permanente Kommissie in consideratie durf geven om dit hun verzoek niet te accorderen, maar dezelve voor de Raad van Policie te Steenwijk te brengen en naar de Ommerschans te verwijzen, ten einde zulke voorbeelden te straffen, en daar door dit kwaad meer tegen te gaan, dan door het verlenen van ontslag zoude geschieden; aan de andere zijde weet ik niet in hoe verre zodanig verzoek kan worden geweigerd, te meer daar de beide jongens, welke mede hun ontslag vragen voornemens schijnen, na het bekomen daar van, die meisjes te trouwen.

Bijgevoegd is een staatje waaruit blijkt dat tot de trouwlustige ontslagvragers behoren Dirk Willem Meijer, 23 jaar, ingedeelde bij Rikmond, en Cornelia Strik, 20 jaar, dochter van de weduwe Rikmond.

Vledder, geboorteakte, 22 juni 1823, aktenr. 23
Kind: Sara Pirijn, geboren te Frederiksoord (Vledder) op 21-06-1823, dochter van Willem Pirijn, beroep: arbeider; oud: 27 jaren, en Katrina Glas, oud: 40 jaren.

Uit een brief van Wouter Visser dd 24 juni 1823:
      Voorts omtrend de ontslag gevraagd hebbende jonge lieden uit kolonies 1 en 4 dat, Meyer en van Waveren zijn de bedoelde jongelingen, met advijs om ook voorals nog het ontslag aan deze jongelingen niet te accorderen; zoo als ik reeds vroeger de eer had te berigten is de zaak met de dogter van de wede Rikmond en Meyer niet meer twijffelachtig, maar bewezen; deeze zijn dus voor de Raad van Policie te Steenwijk gebragt, dan genoemde Raad oordeelde en besliste dat aan hun 2 maanden tijd zoude worden gelaten om te trouwen (…)

Zie verder de aantekeningen uit de stamboeken of ga terug naar de pagina van Richmond.