Extract uit de notulen van het verhandelde in den raad van Policie over de vrije kolonien
Vrijdag den 26 October 1827

Present
de Heer Bersma, LP
de Heer Brouwer
de kolonist Zwier, gemeensman
de kolonist Hoffman, gemeensman
de kolonist Gutsloo, gemeensman
en van Wolda, Secretaris

Aangezien en op den 24 dezer te Willemsoord, het na te melden voorval, strijdig met de wetten en reglementen der Maatschappij van Weldadigheid, heeft plaats gehad, is deze vergadering der leden van den raad belegd.

De onderdirekteur van kol 3, had den huisverzorger van Borsum uit wijk 1 van gezegde kolonie, des morgens de koe laten afnemen, omdat zijn land verleden jaar met brem bezaaid, geheel was afgeweid en afgevreten.

Daarop was van Borsum denzelfden voormiddag in alle woede en drift, bij den onderdirekteur komen loopen, die, in gezelschap van den Adjunktdirekteurder vrije kolonien, en den opziener van Anker bij de aardappelrooijers in wijk 4 was geweest, en hier zou de man zich zeer brutaal gedragen, en den Onderdirekteur tot vechten en slaan uitgedaagd hebben.

Hierop heeft de Adjunktdirekteur dezen van Borsum, voorzigtigheidshalve, door twee wijkmeesters in de kachot laten brengen.

Om dit geval nader te onderzoeken, zijn de navolgende personen, der zake kundig, opgeroepen, voor ons gecompareerd, en hebben dezelve verklaard, hetgene achter hunne namen staat aangeteekend.

1 De opziener Geert Oost; deze had van Borsum des morgens omstreeks 11 uurin de 1e wijk ontmoet, en hem gevraagd om het rapport van de turf; dat hij overgegeven had met deze woorden “daar heb je het voor den bliksem; jij bent ook weet in de directies, en weet dus ook dat ze mij vanmorgen de koe afgenomen hebben; het is nog niet in het vaatje, waarin het zuren zal”, en terwijl hij het mes getrokken en Oost op de borst gezet had, had hij er nog dit bijgevoegd: “de onderdirekteur zal heden sterven”

2 De kolonist van Eijsden, Deze verklaart, dat van Borsum hem, trwijl hij aanden weg in de turf arbeidde, was ontmoet, en in zijn woede deze woorden had uitgedrukt: ik zal den onderdirekteur snijden, dat er de lappen bij neer hangen, omdat hij mij de koe heeft laten afnemen.

3 De opziener van Anker, die bij den aardapelrooijers in wijk 3 het opzigt had, en er bij tegenwoordig was, toen van Borsum bij den Adjunkt- en onderdirekteur was komen loopen. Deze verhaalt, dat de man bij hen komende, in alle drift en woede, de muts afgeworpen en het koetouw weggegooid had, en daarop den onderdirekteur uitdagende, denzelve vroeg of hij wel des avonds bij hem wilde komen, en of hij op dien ogenblik met hem buiten den wal wilde gaan, hij wilde hem wel eens alleen spreken.
Intussen had hij de hand in de broek gehouden even als of hij daar een mes in den hand had.

Hierop van Borsum binnen gelaten zijnde, verklaart dezelve niet te weten wat er gisteren door hem gezegd of gedaan is geworden.
Hij zegt verder, dat hij met andere kolonisten niet gelijk behandeld wordt, ook andere koeijen hadden stukken brem afgeweid en de eigenaars hadden ze behouden.

Na alles overwogen te hebben wat met deze zaak in betrekking staat, zijn de gevoelens der leden van den raad, ieder afzonderlijk ingewonnen, en is bevonden, dat die waren als volgt

Zwier en Hoffmann: de man heeft verdiend naar de Ommerschans verplaatst te worden, indien er echter mogelijkheid is, eene andere straf uit te vinden, dan niet naar de Ommerschans.
Gutsloo: Hij moet verplaatst worden; b.v. naar de 7e kolonie, omdat hij thans te digt bij de genever woont.
Brouwer, van Wolda en Bersma: Ter voorkoming van onheilen, en ten voorbeelde der andere kolonisten, inzonderheid die erbij zijn geweest, moet van Borsum worden verplaatst naar de Ommerschans.

Na deze weinig verschillende gevoelens overwogen te hebben:

Is besloten: 

De genoemde huisverzorger Johannes van Borsum wordt, met deszelfs vrouw en kinderen veroordeeld tot de Strafkolonie Ommerschans, zullende de drie ingedeelde weezen, met overleg van den kleinen raad bij goede huisgezinnen ingedeeld en verplaatst worden.

En zal hiervan, bij afschrift dezes, aan de Permanente Kommissie der Maatschappij van Weldadigheid, worden kennis gegeven.

Voor extract conform,
De Direkteur der Kolonien
Visser


Bijgeschreven in Den Haag

Goedgekeurd door de Perm. Komm van Weldadigheid Den 4 dec. 1827
 vK

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1615