Raad van Policie en Tucht in de Gewone Kolonien,

op den 6e Maart 1845


Alleen (cursief) samenvatting.

Nieuwe gemeensmannen P. Souverijn en P. Hartog. Omdat de gemeensman van kol1 J. Arsie het afgelopen jaar slechts eenmaal dienst hebbende gedaan, is die herkozen.


Nav Raad van toezicht kol 1 van 23 januari, houdende beschuldiging:

tegen de huisvrouw van Jan Meij, die zegt gedebiteerd te zijn voor niet ontvangen goederen. Gehoord onderdirecteur kol 1, boekhouder kol 1 en wijkmeester Uhl. Men komt er niet uit, maar meneer Meij heeft er wel voor getekend. Rare zaak, maar met uitleg over de manier waarop de boekjes worden bijgehouden.



Nav Raad van toezicht van kol 3 van 21 januari, houdende beschuldiging:

tegen H. Beekman zou rogge hebbe verkocht, maar hij heeft ruim aan zijn taxatie voldaan dus het zal laster zijn



President deelt mee dat Antonius, zoon van kolonist Beekman, 23 jaar oud, is 23 januari gedeserteerd maar de 25ste teruggebracht en 2 februari overgebracht naar de Ommerschans.



Nav Raad van toezicht van kol 3 van 4 maart, houdende beschuldiging:

1. tegen de kolonist Pennink zou rogge hebben verkocht, hij bekent en zegt dat het was omdat hij slechts 10 cent per week in handen krijgt. Verbanning Ommerschans.



2. tegen Sjouke Laverman, zwanger. Ze ontkent, maar het geheele voorkomen van de beschuldigde, doet de Raad geen oogenblik aan haar misdrijf twijfelen. Ommerschans.



3. tegen Helena, dochter van de kolonist J.A. Schmidt, zwanger. Zij ontkent. Ook van het misdrijf van deze is de Raad genoegzaam overtuigt. Ommerschans.



Nav Raad van toezicht van kol 2 van 5 maart, houdende beschuldiging:

1. tegen de kolonisten Johanes Schuurman en Hendrik Westerveld, welke beiden een blaadje uit hun schuldboekje zouden hebben gesneden, waarop de boeten, wegens luiheid in het werk, waren aangetekend. Ze bekennen, ze hadden het niet kunnen aanzien. Drie dagen strafkamer.



2. tegen Sjaak van Dalen wegens onzedelijke omgang met Geertje de Vries van kolonie 1 voigens PV van die kolonie van 4 maart. Alleen S van Dalen verschijnt welke hun beider misdrijf bekent. Hij naar Veenhuizen, zij naar de Ommerschans.



Nav Raad van toezicht van kol 1 van 4 maart, houdende beschuldiging:

1. tegen Maria Christina, dochter van den kolonist Versluis, zwanger. Zij ontkent, men gelooft het.



2. tegen Maria, dochter van kolonist Thoss, en Auke, zoon van kolonist J. W. de Vries, onzedelijke omgang en zwanger. Zij ontkennen, maar de ouders Thoss hebben het tov de wijkmeester bekend. Hij naar Veenhuizen, zij naar de Ommerschans.



3. tegen Alida Johanna, dochter van kolonist Landsbach, en Johannes, zoon van de weduwe Latour, onzedelijke omgang. Zij ontkenen en het wordt geloofd.



4. tegen Catharina Smies, kleindochter van de weduwe de Ruyter, en Johannes Evert, zoon van kolonist Veldmeijer, onzedelijke omgang. Zij ontkenen en overhandigen een verklaring van de geneesheer (zie onder).



Bijlagen: diverse raden van toezicht


Geen transcripties.


Bijlage verklaring arts


Zie elders op de site.


BRON:
Drents Archief, toegang 0186, bij post van 1 april 1845 N5, invnr 564

Notities bij het zittingsverslag