Proces Verbaal van het verhandelde bij den Raad van Tucht voor Weezen, Vondelingen en Verlatene Kinderen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van Saturdag den 19e Julij 1834


De Raad door den Heere President geconvoceert zijnde waren alle de Leden tegenswoordig.

Door den Heere President werd aan de Raad kennelijk gemaakt de terug Brenging van de wees Egbert Aarmans N 1381 de welken op den 22 Meij JL was gedeserteerd; benevens de terugkomst van de weezen Jan Schenkermans N 1266 en Johannes Franciscus Beekman N 1397 welke laatsten op den 14 dezer de kolonie heimelijk hadden verlaten.

De Raad heeft de aangeklaagden ieder in het bijzonder doen binnen staan om hun hier over te horen.-
Bekend hebbende dat zij met voorbedachten rade waren gedeserteerd, en er alzoo niets ter hunner Verschoning was in te brengen,
Zoo heeft de Raad hun doen buiten staan om over de aan hun op te leggen Straf te Delibereren.

De Raad heeft besloten Zoo als dezelve besluit bij dezen.

daar de aangeklaagden Art. 3 van het Reglement van Tucht hebben overtreden Vervat bij § 2 “Zich zonder verlof uit de kolonie te verwijderen”, waar op de straf bij Art. 4 is toegekend en wel “Verwijdering uit de koloniën zonder verlof: hetzij die volvoerd en men van desertie terug gebragt is, hetzij die verhinderd is geworden. Opsluiting van een tot acht dagen in de strafkamer, om den anderen dag te water en brood en bij herhaling met boeyen aan.”

Hen te condemneeren tot opsluiting in de strafkamer voor den tijd van Drie Dagen om den anderen dag te water en Brood

Verlangende de Raad dat hier aan onverwijld Executie worde gegeven. Waarop men de gecondemneerden heeft doen binnen staan en is na aan hun gedane voorlezing dit Verbaal door de Hre President met alle de Leden der Raad ondertekend.

Te Veenhuizen op Dag en Datum & Jaar als boven is gemeld.
Poelman
Laarman
Kuipers, ond
L. Vrieze, zaalopziener
J.H. Kloekers, zaalopziener
L. Coelen, secr.

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1618

Notities bij het zittingsverslag