Proces Verbaal van het verhandelde bij den Raad van Tucht voor Weezen, Vondelingen en Verlatene Kinderen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van Saturdag den derde October 1835


De Raad door den President geconvoceert zijnde waren alle de Leden tegenswoordig-

door den President werd aan de Raad kennelijk gemaakt een bij hem ingekomen aanklagt tegen de wees Hubertus Correllier beschuldigd van het ontvreemden van Schoongaren van de Fabriek (waarop hij werkzaam was).

De Raad heeft den aangeklaagde doen binnen staan om hem hier over te horen-
daar het voornoemde Schoongaren in zijn kasje gevonden was, en hij zelfs bekende dit te hebben ontvreemd, was er niets ter zijner Verontschuldiging in te brengen.

De Raad heeft den beschuldigde doen buiten staan om over de hem op te leggen straf te delibereren.

Na gehoudene deliberatien heeft de Raad besloten zoo als dezelve op heden besluit om den aangeklaagde te condemneren tot opsluiting in de strafkamer voor den tijd van Vier agter een Volgende Dagen om den anderen dag te water en brood, benevens hem te debiteren op zijn 1/3 te goed bij de maatschappij op Oververdiensten voor een somma van Een Gulden Drie en Veertig en Een halve Cent zijnde het dubbelde van door hem ontvreemde en wel na aanleiding van Art 3 van het Reglement van Tucht, vervat bij § 8 “Ontvreemding, verwaarloozing en beschadiging van eens anders goed of dat der Maatschappij, tot welk laatste mede gerekend wordt te behooren de eigen kleeding der kinderen en de bij hen in gebruik zijnde koloniale goederen” waarop bij Art 4 van meergemeld reglement is toegekend de straf van “Dubbelde vergoeding van het ontvreemde, verwaarloosde of beschadigde uit zijn tegoed bij de Maatschappij, benevens opsluiting van één tot acht dagen in de strafkamer; om den anderen dag te water en brood, en bij herhaling met boeijen aan”-

En is hier van Proces verbaal gedresseerd verlangende de Raad dat aan dit vonnis onverwijld Executie worde gegeven.

Men heeft den gecondemneerde doen binnen staan en na aan hem gedane voorlezing is dit tegen s woordige door den President met alle de leden der raad ondertekend.

Gedaan te Veenhuizen op Dag en Datum als boven is vermeld-
Poelman, adj dir
Laarman, onderdir
Kuipers, ond
J: Danens
Meijer
L. Coelen, secr

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1618

Notities bij het zittingsverslag