Proces Verbaal van het verhandelde bij den Raad van Tucht voor Weezen, Vondelingen en Verlatenen Kinderen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van Saturdag den 28 November 1835


De Raad door den President geconvoceert zijnde ware alle de Leden tegenswoordig-

Door den President werd aan de Raad te kennen gegeven eene bij hem ingekomen aanklagte tegen de wees Jan van Tilburg beschuldigd van vechten in de zaal en wel opzettelijk den wees A S de Prado te hebben geslagen.

De raad heeft den aangeklaagden doen binnen staan om hem hier over te hooren-
Zelfs hebbende bekend dat de aanklacht over een komstig de waarheid was heeft men hem doen buiten staan om over de aan hem op te leggen straf te Delibereren-

Daar hij Art 3 van het Reglement van Tucht had overtreden aldus luidende
    En jegens anderen
§ 9 Vechten, slaan, schelden en baldadigheden begaan
    Waarop bij Art 4 van gedacht reglement de straf is toegekend-
9. Vechten, slaan, schelden en baldadigheden bedrijven
Opsluiting van een tot drie nachten in de strafkamer en, bij herhaling, van een tot acht dagen, om den anderen dag te water en brood.

Om hem ingevolge dit artikel te condemneren tot opsluiting in de strafkamer voor den tijd van Twee Nachten.

De gecondemneerde hebbende doen binnen staan is hem deze uitspraak van de Raad kennelijk gemaakt door de voorlezing van dit vonnis waaraan de Raad verlangd dat onverwijld executie zal worden gegeven –

Zijnde dit tegenswoordige door den President met alle de Leden der raad Ondertekend.

Gedaan te Veenhuizen op dag en datum als boven is gemeld.

J. Poelman, adj dir
Laarman onderdir
Kuipers on
J: Danens
Meijer
L. Coelen, secr

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1618

Notities bij het zittingsverslag