Proces Van het verhandelde bij den Raad van Tucht voor Weezen, Vondelinge en Verlatene Kinderen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van Dingsdag den 21 Maart 1837


De Raad door den President geconvoceert zijnde waren alle de Leden tegenswoordig.

Door den President werd aan de Raad kennelijk gemaakt de terug brenging van desertie van de weezen Hendrik Everts N. 1133, Joseph Keesenberg, N. 90 en Hendrik Kuiper N. 302.

De Raad heeft dezelve doen binnen staan om hen ten deze te horen, daar zij alle drie met vooroverleg de Kolonie hadden verlaten was niets ter hunner Verschoning ten dese bij te brengen, waar om de Raad hen heeft doen buiten staan om over de hen op te leggen straf te delibereren.

Art 3 van het Reglement van Tucht hebbende overtreden sub. § 2 Zich zonder verlof uit de koloniën verwijderen waar op Art 4 van gezegd Reglement van tucht sub § 2 de straf toekend
Verwijdering uit de koloniën zonder verlof: hetzij die volvoerd en men van desertie terug gebragt is, hetzij die verhinderd is geworden.
Opsluiting van een tot acht dagen in de strafkamer, om den anderen dag te water en brood en bij herhaling met Boeyen aan

De Raad in aanmerking nemende de menigvuldige vonnissen die tegen hen zijn uitgesproken en wel

Tegen J. Keesenberg, in dato 18 november 1835 wegens diefstal van wortelen, den 10 december 1836 voor diefstal van fl. 1,20 en den 20 dierzelve maand wegens diefstal van wortelen.

H. Kuiper blijkens Proces Verbaal van den 26 November en den 24 December AP wegens poging tot desertie en vervreemding van zijn gebrijde borstrok

H. Everts die zich had schuldig gemaakt aan ontvreemding van wortelen, zie proces verbaal van 25 January 1836, en desertie op den 28 december ap volvoerd. zijnden den 25e dier maand van een vroegere verwijdering teruggevoerd

Het zedeloos, lui, weerbarstig gedrag in overweging nemende, tevens de Verklaring van hunne Overbrengers de Policie agenten J. van der Tuin en J. de Kooij  Dat zij van gemelde jongelingen hadden vernomen dat zoo de gelegenheid zich weder op deed zij opnieuw zouden weglopen.

Zoo heeft der Raad bij algemeene stemmen tengevolge  Art 9 van gemeld reglement van tucht besloten zoo als dezelve besluit bij deze om aan de Permanente Commissie voor te stellen om genoemde jongelingen ter corectie voor eene onbepaalde tijd over te doen voeren na de Strafkolonie Ommerschans onveranderd hen te debiteren voor premie en transportkosten:

Hendrik Everts voor de somma van fl. 12,-, betaald den 24 december fl. 6,- en den 14 dezer fl. 6,-, en

Joseph Keesenberg en Hendrik Kuiper ieder voor Twaalf Gulden en Twintig Centen  .

Zijnde hier van het tegenswoordige Proces verbaal opgemaakt dat de Raad verlangd om onverwijld de Permanente Commissie op te zenden ter fine van Approbatie.

Na ondertekening heeft men de gecondemneerde doen binnen staan om door de voorlezing hier van hun met dit vonnis bekend te maken.

Gedaan aan het 1e Gesticht te Veenhuizen op dag en datum als boven is gemeld.

Poelman, pres        Textor        Kuipers, Ond    L. Vrieze, zaalopziener

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, invnr 1618

Notities bij het zittingsverslag