Extract uit de Notulen van het verhandelde in den Raad van Tucht voor Weezen, Vondelingen en verlaten kinderen bij het 1e Gesticht te Veenhuizen

Zitting van den 8 Junij 1855


Present
C. W. Rensing, President
Leden: G. J. Hendriks, W. Heidema, L. Vrieze, A. v d Berg
J. F. Morriën, secretaris

De Raad vergaderd zijnde, wordt door den Voorzitter geopend.

worden voorgenomen:

de Bedelaars Kolonisten
1 Barend de Hondt N923
(poging tot desertie voor de 1e maal)

de Weezen:
2 Arriën Nogter N500
nalatig in zijn werk en ontvreemding van 1 doek van de Wees M. de ???

3 Reinier Schreuder N130
die zich op den tweeden Pinksterdag buiten de kolonie naar Westervelde heeft begeven

4 Antonie Hengstum N1121, kweekeling van Wateren, van daar naar hier terug geplaatst om te regt te staan, voor den raad van Tucht bij dit Gesticht, wegens onbehoorlijk gedrag, tijdens zijn verlof te Amsterdam, aldaar aan den dag gelegd, en waar voor straf is verzocht, door den boekhouder der Administratie over de stadsbestedelingen te Amsterdam, namens H.H. Regenten

Gehoord ieder der bovengemelden in het bijzonder die geene verschoonbare redenen kunnen inbrengen.

Gezien Art 4 § 2, 3 & 8 van het reglement van Tucht voor Weezen, vondelingen en verlaten Kinderen

Gehoord het gevoelen van den Raad

Wordt besloten, te straffen als volgt

1. den Bed Kol B. de Hondt  N923 met opsluiting in de strafkamer


De rest van de zitting is of niet bewaard gebleven of niet getranscribeerd

BRON:
Drents Archief, toegang 0186, bij post van 17 juli 1855 N 8 invnr 809

Notities bij het zittingsverslag