Naar het overzicht
van stukken over WATEREN



De bronnen: registers van kwekelingen beginnen rommelig, maar worden allengs vollediger

Op deze pagina vind je een overzicht van de kwekelingenregisters en andere stukken waaruit kan worden afgeleid welke jongeren er als kwekeling op het Instituut te Wateren geweest zijn.  Het is niet uitgesloten dat er ergens in het archief nog een register gevonden wordt, maar voor nu moeten we het hier mee doen.
Geen van deze registers is gescand, maar dat heb ik het Drents Archief ook afgeraden, want ze zijn rommelig en je moet hťťl goed thuis zijn in de koloniŽn om er iets van te begrijpen, anders scheppen ze slechts verwarring.

Zoals alle stamboeken en registers van de koloniŽn is het een feest van verschrijvingen, foute spellingen, onjuiste data en onjuiste nummers, en weggelaten informatie. Dat lijkt slordigheid, maar dat komt ervan als je mensen tien uur per dag schrijfwerk laat doen.

In alle registers staat bij de naam van nagenoeg elke kwekeling een weesnummer, aangeduid met de letter 'V', of een B-nummer en dat helpt heel erg bij het identificeren. De eerste is terug te vinden in de registers van weeskinderen met de invnrs 1571, 1572, 1410, 1411, 1412 & 1413. De B van B-nummer staat voor bijzonder contract, en verwijst naar het register van alle op contracten gevestigde koloniebewoners met invnr 1389. Van al deze registers zijn scans, zodat alle kwekelingen daarin terug te vinden zijn.

● Kwekelingregister invnr 1610, 1 november 1829 tot 1 januari 1832

Dit is het oudste register van kwekelingen. Er staan B-nummers in, dus het is vermoedelijk aangelegd op of kort na 1 november 1829, de dag dat de B-nummers worden ingevoerd. Het register bestaat uit een alfabetische namenlijst en 6 folio's met namen van precies 100 kwekelingen (en 2 wasmeiden).
Indeling. De eerste kolom bevat de kwekelingnummers, soms 2 of 3 per naam, sommige half of helemaal doorgestreept, zodat het een heel gepuzzel is. De tweede kolom bevat de namen, sommige half of helemaal doorgestreept, plus het weesnummer of het B-nummer. De derde kolom de doop- of geboortedatum. De vierde kolom de godsdienstige gezindheid. De vijfde kolom de datum van aankomst (aankomst in de koloniŽn, dus NIET aankomst in Wateren). De zesde kolom de stad waar de jongere oorspronkelijk vandaan komt. De laatste kolom bevat 'Aanmerkingen en Veranderingen', met ook enkele mutaties uit 1828 die de schrijver zich blijkbaar nog wist te herinneren en met de mutaties uit 1831 slechts gedeeltelijk verwerkt.
Betrouwbaarheid. Het register lijkt gemaakt door een beginnend schrijver die meer belang hecht aan de schoonheid van zijn krullen dan aan correcte gegevens. Het grootste gemis is dat nooit staat aangetekend wanneer iemand op het Instituut is aangekomen.

● Kwekelingenregister 1832-1835, invnr 1584

Dit register maakt deel uit van een groot boek waarin ook strafkolonisten op de Ommerschans, arbeidersgezinnen op de Ommerschans en te Wateren, en hoevenaars te Ommerschans staan. Het kwekelingengedeelte bestaat uit 8 folio's met 135 kwekelingen (en 2 wasmeiden), verdeeld over 77 kwekelingnummers.
Ik heb de indruk dat dit register is aangelegd op 1 januari 1833, want alle aantekeningen over 1832 zijn zonder exacte datum (iemand is aangekomen 'in 1832'). Het boek is bijgehouden tot en met 1835. Het sluit redelijk goed aan op invnr 1610, dus de laatste in invnr 1610 met kwekelingnummer X is vrijwel altijd ook de eerste in invnr 1584 met kwekelingnummer X. Aangenomen mag dus worden dat bij het aanleggen van invnr 1584 het oude boek met invnr 1610 bij de hand is gehouden.
Indeling. De eerste kolom bevat de kwekelingnummers. De tweede kolom bevat de namen, doorgestreept als iemand vertrokken is,  plus het B-nummer of V-nummer. De derde kolom en de vierde kolom met geboortedatum en religie zijn bijna nergens ingevuld. De vijfde kolom met 'Van waar afgezonden' bevat nu niet de oorspronkelijke plaats van herkomst, maar de locatie binnen de koloniŽn (Veenhuizen, Willemsoord, enzovoort) waar de kwekeling vandaan komt, maar dat is niet consequent overal ingevuld. De zesde kolom met de kop 'Domicilie van onderstand' is bijna altijd leeg. De zevende kolom met de datum van aankomst bevat nu de aankomst in Wateren, maar dat gebeurt ALLEEN voor de periode 1833-1835 (en dus niet met terugwerkende kracht) en ook in die periode wordt af en toe vergeten het aan te tekenen. De laatste kolom bevat notities over het vertrek uit het Instituut van kwekelingen.
Betrouwbaarheid. Ik kom geen fouten of aperte onjuistheden tegen.

● Kwekelingenregister 1836-1847, invnr 1582

Ook dit register maakt deel uit van een groot boek met ook andere categorieŽn koloniebewoners. Het is vermoedelijk aangelegd op 1 januari 1836 en is bijgehouden tot en met 1847. Het bevat een alfabetische lijst en 11 folio's met 311 namen, waarvan er een aantal dubbel blijken te zijn, zodat er in staan 286 kwekelingen en 10 wasmeiden.
Het sluit goed aan op het voorgaande register, dus de laatste in invnr 1584 met kwekelingnummer X is ook de eerste in invnr 1582 met kwekelingnummer X. Aangenomen mag dus worden dat bij het aanleggen van invnr 1582 het oude boek met invnr 1584 bij de hand is gehouden. De indeling van de kolommen is identiek aan invnr 1584.
MAAR DAN!! De jaren erna echter worden een heleboel van de kwekelingen ingeschreven bij een volstrekt willekeurig kwekelingnummer. De klerk komt daarbij tot aan kwekelingnummer 110!!! Soms staat er met potlood in de kantlijn welk nummer iemand in werkelijkheid heeft, zo staat bijvoorbeeld in de kantlijn bij nummer 87 dat het nummer 64 moet zijn. Maar ook als er niets in de kantlijn staat, blijkt het nummer volstrekt willekeurig.
Het gevolg is dat dit register niet aansluit op het volgende, invnr 1583, en dat het niet spoort met het deels overlappende register met invnr 1611. Dat laatste register, invnr 1611, zie onder, lijkt mij veel en veel betrouwbaarder en daarom volg ik voor de overlappende periode 1841-1847 dat register. Voor de periode 1836-1840 heb ik geen andere bron dan invnr 1582 en moet ik die wel volgen.

● Kwekelingenregister 1848-1859, invnr 1583

In invnr 1583 staan ook de hoevenaars te Veenhuizen en Ommerschans. Het gedeelte met de kwekelingen bestaat uit een alfabetisch register en 18 folio's met 353 namen, waaronder enkele dubbele zodat er in staan 336 kwekelingen en 9 wasmeiden plus ťťn kind van een wasmeid. De kolomindeling is identiek aan de invnrs 1584 en 1582.
Het sluit dus niet goed aan op invnr 1582, slechts bij 19 nummers hebben kwekelingen die als laatste het nummer X hebben in het hierboven al bekritiseerde invnr 1582, dat als eerste in invnr 1583. Maar dit boek loopt wel helemaal synchroon met invnr 1611.
Er staan in dit boek wel veel naamspellingen die afwijken van hoe de naam in andere registers gespeld staat, Dit boek houdt op in juni 1859.

● Kwekelingenregister 1841-1859, invnr 1611

Dit register overlapt dus de hierboven genoemde invnrs 1582 en 1583. Het bevat een 6 folio's omspannend namenregister en 20 folio's met 412 namen.
Indeling. De eerste kolom bevat de kwekelingnummers. De tweede kolom bevat de namen, sommige doorgestreept,  plus het weesnummer of B-nummer. De derde kolom bevat de geboortedatum. De vierde kolom de godsdienstige gezindheid. De vijfde kolom de 'Datum van aankomst in de koloniŽn'. De zesde kolom 'Van waar afgezonden' met de oorspronkelijke plaats van herkomst. De zevende en achtste kolom zijn bijna altijd leeg. De laatste kolom bevat de datum van aankomst in Wateren, waar binnen de koloniŽn men dan vandaan komt en de datum van het vertrek uit het Instituut en waar men dan naar toe gaat.
Betrouwbaarheid. De klerk schrijft of hij constant beschonken is, maar zijn informatie blijkt bijna altijd te kloppen.

● Kwekelingenregister 1860, invnr 2174

Invnr 2174 bevat naast de kwekelingen ook het personeel te Wateren plus de huisgezinnen die er wonen. De kwekelingen beginnen op folio 5, zes stuks per folio. Mutaties zijn aangetekend vanaf augustus 1859. Voorin het boek staat: 'begin 1 January 1860'.
Invnr 2174 werkt deels al met een nieuwe, waarschijnlijk in 1860 ingevoerde nummering voor mensen die op contract in de kolonie geplaatst zijn, waarbij iedereen een G-nummer heeft. Ik heb geen idee waar ik dat op moet zoeken, dus ik negeer deze nummers volkomen.

● Kwekelingenregister 1860, invnr 3021

Invnr 3021 is bijna identiek aan invnr 2174. Het wijkt bij twee kwekelingen af, maar door vergelijking met invnr 1611 blijkt invnr 3021 het in beide gevallen fout te hebben. Invnr 3021 levert echter wel twee aanvullende gegevens: het bevat meer B-nummers en het specificeert naar welke hoeves kwekelingen in 1860 worden overgeplaatst. Dat laatste maakt controle in de stamboeken mogelijk.



Ontbrekende gegevens

Toen ik de kwekelingenregisters had ingevoerd, misten er nog de nodige gegevens:
a) namen van kwekelingen die al weer uit het Instituut vertrokken zijn vůůr 1 november 1829;
b) alle data van aankomst in het Instituut vůůr 1833;
c) sommige data van vertrek uit het Instituut vůůr 1833;
d) incidentele data van aankomst en vertrek van 1833-1859.

Het laatste punt laat zich eenvoudig oplossen. Vanaf 1833 zijn er mutatieregisters van alle koloniŽn, waarin ook wordt bijgehouden wie er wanneer in Wateren aankomen of vertrekken, invnrs 1371-1386. En af en toe geeft de ingekomen post van de permanente commissie, de invnrs 47-347, uitsluitsel over de aankomst van een kwekeling.

Om de andere lacunes te vullen zijn weer andere archiefstukken gebruikt, die in het onderstaande de revue passeren en die steeds vet gemarkeerd zijn. Die aanvullende bronnen hebben dezelfde mankementen als de kwekelingenregisters, er staan fouten in, men verschrijft zich of vergeet iets aan te tekenen, enzovoort, maar door combinatie van verschillende bronnen vallen er toch vrij nauwkeurige gegevens te vinden.

In enkele gevallen is geen uitsluitsel te krijgen, en zijn aannames nodig.


Aanname 1: de allereerste kwekelingen

De namen en aankomstdata van kwekelingen die al weer weg zijn vůůr het eerste register op 1 november 1829, zijn grotendeels te vinden in de

Kolonistendatabase, waarvoor mevrouw Kloosterhuis blijkbaar ook stamboeken van de vrije koloniŽn heeft geraadpleegd die momenteel niet meer in het archief zijn. Aan de hand van de door haar verzamelde gegevens kan worden vastgesteld dat 25 jongens, die waren ingedeeld in de vrije koloniŽn, op 28 juni 1824 (er worden ook data als 18, 19, 24 of 29 juni of zelfs 28 april genoemd, maar dat zijn volgens mij schrijffouten en 28 juni is veruit in de meerderheid) naar het Instituut te Wateren zijn gekomen.

Er moeten er meer zijn, want Instituteur Kornelis Mulder heeft het op 8 juli 1825, zie deze pagina, over de:

(...) dertig jonge lieden, welke de bevolking van het Instituut dus lang uitmaakten

De ontbrekende vijf namen zijn te vinden op de:

Lijst met kwekelingen van 1 april 1826. Deze lijst hoort bij het jaarverslag van 1 april 1825 tot 1 april 1826 en bevindt zich in invnr 990. Er staan alleen kwekelingnummers en namen op, geen verdere informatie. De transcriptie staat op deze pagina. Hoewel daarmee zeker is welke jongens er zijn, is dus van vijf geen vermelding van de datum dat ze naar Wateren komen in de kolonistendatabase. Maar ik ga er van uit dat ze gelijk met de rest zijn gekomen, en dus vermeld ik bij hun steeds als aankomstdatum '28 juni 1824 (aanname)'.

Aanname 2: de eerste kwekelingen uit Veenhuizen

Dan de eerste groep kwekelingen uit Veenhuizen. Op 21 juli 1826, zie deze pagina, schrijft Instituteur Kornelis Mulder:

De aankomst van een dertigtal jongens uit de WeezenGedichten te Veenhuizen, waardoor het getal mijner kweekelingen op zestig gebragt is (...)

De namen van die 30 Veenhuizense jongens staan op de hiervoor genoemde lijst van 1 april 1826. Maar dat is zonder aankomstdatum en van die aankomstdatum is dus alleen bekend dat het NA 8 juli 1825 en VOOR 1 april 1826 is. Een specifiekere datum is gevonden in het:

Inspectierapport van 26 maart 1832. Dat bevindt zich in invnr 1544 en de transcriptie staat op deze pagina. Van de dertig eerste kwekelingen uit Veenhuizen zijn er dan nog zes in Wateren, 24 zijn er dus al vertrokken. Bij die zes staat als aankomstdatum 29 september 1825.

Ik ga er van uit dat de rest tegelijk met hun is aangekomen, zowel vanwege de uitlating van de Instituteur hierboven als omdat de aankomst van kwekelingen bijna altijd in golven gaat. Er komt bijna nooit een individuele jongeling naar het Instituut, vrijwel altijd komt er een hele groep ineens. Zie bijvoorbeeld de beschrijving van de tocht van 13 jongens die op 3 mei 1851 van Veenhuizen naar Wateren lopen in het boek De wees van Amsterdam. Daarom heb ik bij die 24 jongens dus als aankomstdatum genoteerd '29 september 1825 (aanname)'

Aanname 3: aankomst uit vrije koloniŽn 1829

Het hierboven genoemde inspectierapport geeft ook de aankomstdata van jongens uit Veenhuizen in 1830 en 1831. Vanuit de vrije koloniŽn zijn in de tussentijd twee konvooien geweest.
- Op 27 november 1827 komen tien jongens, die tot dan toe zijn ingedeeld bij kolonisten in de vrije koloniŽn, naar het Instituut. Dat is ook aangetekend in de stamboeken van de vrije koloniŽn en in het boek van alle op contract geplaatste koloniebewoners met invnr 1389.
- Op 6 oktober 1829 doet de Instituteur een voordracht voor dertien andere jongens, de transcriptie daarvan staat hier. Bij 12 van de 13 is in de stamboeken en in invnr 1389 aangetekend dat zij op 10 november 1829 in het Instituut opgenomen worden. Alleen bij Willem der Nederlanden is men dat vergeten aan te tekenen, maar omdat wel is genoteerd dat hij op 15 maart 1830 uit het Instituut teruggaat naar de vrije koloniŽn, heb ik bij hem als aankomstdatum aangehouden '10 november 1829 (aanname)'.

Aanname 4: vertrek in 1832

De aankomstdata van kwekelingen in 1832 vallen te vinden in het

Inspectierapport van 8 april 1833, dat zich bevindt in invnr 1545, en waarover enkele notities staan onderaan deze pagina.

Enkele ontbrekende aankomstdata van kwekelingen in 1833 staan in het:

Inspectierapport van 31 maart 1834, invnr 1546, dat op dezelfde pagina staat, maar dat zijn er een paar, want de meeste aankomstdata vanaf 1833 zijn al bekend uit invnr 1584.

Deze aankomstdata worden deels bevestigd door de stamboeken van het eerste gesticht te Veenhuizen van 1828-1831, invnr 1408, en van het derde gesticht over dezelfde periode, invnr 1409, waarin (soms wel, soms niet) staat aangetekend wanneer een wees uit die gestichten naar Wateren gaat. Er is alleen enige verwarring over een groep op 3 of 8 oktober 1830, maar dat scheelt maar vijf dagen.

Deze inspectierapporten leveren echter geen informatie over de vertrekdata van kwekelingen. Er zijn zeven jongens die op de lijst van 28 maart 1832 als aanwezig zijn genoteerd, maar op de lijst van 8 april 1833 niet meer. Hun vertrekdatum valt niet te achterhalen.
Bij vijf van hen (Franciscus Leonardus Abdon, Jan Busch, Johannes Frederik Droom, Jan van der Mark en Pieter Wakker) wordt hun kwekelingnummer op 16 juli 1832 overgenomen door een ander, zodat ik bij hen als vertrekdatum heb genoteerd '16 juli 1832 (aanname)'. En twee (Cornelis Hendrik Lammerssen en Willem Rozeboom) wier nummer op 2 augustus 1832 wordt overgenomen en die dus als vertrekdatum hebben '2 augustus 1832 (aanname)'.

Bronnen voor controle

Stamboeken van de vrije koloniŽn van 1825 tot 1859, invnrs 1346-1363. Hierin staat (meestal) aangetekend wanneer een ingedeelde uit die koloniŽn naar het Instituut vertrekt.

Wezenregisters met de invnrs 1571, 1572, 1410, 1411, 1412 en 1413. Hierin staat (meestal wel, soms niet) achter namen vermeld of iemand in Wateren zit. Soms met alleen een 'W', soms met de verkorting 'wat' en soms voluit, in enkele gevallen inclusief het kwekelingnummer.
Dit is echter niet volledig. Van de Ī 530 weesjongens uit Veenhuizen die in Wateren zijn geweest, is dat in de wezenregisters bij 478 jongens (en bij 10 wasmeiden) genoteerd.
▪ Er blijken hierin GEEN jongens te worden vermeld als kwekeling die niet in mijn overzichten zitten.
▪ Er staan WEL twee meisjes genoemd als gevestigd te Wateren die in de andere registers niet voorkomen, zie de wasmeiden-pagina.
▪ Ten aanzien van de hierin vermelde kwekelingnummers geldt dat Johannes Hendrik Rompel hier nummer 55 heeft en in de kwekelingenregisters nummer 56, en Pieter Johannes Hijgenaar hier nummer 56 heeft en in de kwekelingenregisters nummer 55 heeft. Dit hoort bij het rommeltje rond de nummers 53-56 waar ik mij verder niet druk over ga maken, zie de pagina met kwekelingnummers.

Stamboek van alle op contract geplaatste koloniebewoners met invnr 1389, aangelegd op 1 november 1829. Hierin staat in de kolom 'Waar gevestigd' vaak wel, soms niet vermeld of iemand in Wateren is opgenomen, soms met kwekelingnummer. Met het bijhouden van invnr 1389 houdt men ergens begin 1859 op dus voor de periode erna heb je er niets aan. Dit boek moet ik nog nalopen.

Aanwezigenlijst 1 oktober 1835. Deze lijst behoort vermoedelijk oorspronkelijk ook tot de bijlagen bij een inspectie en bevindt zich op invnr 163 scans 9-10. De transcriptie staat hier. Deze lijst is gecontroleerd en klopt helemaal met de al verzamelde gegevens.

● 'Nominative Staat der kweekelingen in de volgorde van het stamboek, op den 1 juny 1849'. Deze lijst ligt los in het kwekelingenregister 1841-1859 met invnr 1611. De transcriptie van de lijst staat hier. Deze staat is gecontroleerd en klopt helemaal met de al verzamelde gegevens.


Verwerking

Op basis van de bovengenoemde bronnen is een excel-file gemaakt dat voor liefhebbers valt op te halen. Daarbij is een gebruiksaanwijzing, zodat alle berekeningen die er mee gemaakt zijn gecontroleerd kunnen worden. Van dit file zijn drie overzichten gemaakt:
1) Een lijst per kwekelingnummer, met daarbij dus ook de wasmeiden, die in de volgende overzichten zijn weggelaten.
2) Een overzicht van alle aankomsten en vertrek, wat tegelijk automatisch de bezettingsgraad van het Instituut geeft.
3) Een alfabetische lijst van alle kwekelingen.